Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 126 Fw

Geldt sinds 1 december 2005

  1. 1

    Ook de gefailleerde is bevoegd, onder summiere opgaaf zijner gronden, tegen de toelating ener vordering, hetzij voor het geheel, hetzij voor een gedeelte, of tegen de erkenning van de beweerde voorrang, zich te verzetten. In dit geval geschiedt in het proces-verbaal aantekening van de betwisting en van haar gronden, zonder verwijzing van partijen naar de rechtbank, en zonder dat daardoor de erkenning der vordering in het faillissement wordt verhinderd.

  2. 2

    Betwisting, waarvoor geen gronden worden opgegeven, of welke niet de gehele vordering omvat en toch niet uitdrukkelijk aanwijst, welk deel wordt erkend, en welk betwist, wordt niet als betwisting aangemerkt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:151Parket bij de Hoge Raad, 6 februari 2026 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Moeten de gefailleerde en de schuldeisers worden gehoord over de salarisvaststelling van de curator ex art. 71 lid 1 Fw? Is Richtlijn (EU) 2019/1023 grond voor terugkomen van HR…

  • ECLI:NL:PHR:2024:485Parket bij de Hoge Raad, 3 mei 2024 (insolventierecht)

    Faillissement; beschikking r-c tot goedkeuring vaststellingsovereenkomst (art. 104 Fw); gefailleerde ontvankelijk in hoger beroep?; ‘partij’ ex art. 67 Fw; toepasselijkheid uitzondering HR 12 april…

  • ECLI:NL:HR:2023:1067Hoge Raad, 7 juli 2023 (burgerlijk procesrecht)

    Borgtocht. Procesrecht. Faillissement. Hoger beroep tegen toewijzing vordering uit borgtocht. Veroordeling echtgenote van borg om verhaal op huwelijksgemeenschap te gehengen en gedogen. Als borg…

  • ECLI:NL:PHR:2022:1148Parket bij de Hoge Raad, 9 december 2022 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Procesrecht. Subjectieve cumulatie en voortzetting geding ex art. 29 Fw door betwistende schuldeiser in faillissement van een van gedaagden. Buitengedingstelling gefailleerde…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:7891Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 9 december 2025 (insolventierecht)

    Faillissement (thuis)zorg organisatie. Aansprakelijkheid (voormalig) bestuurders, onbehoorlijk bestuur (art. 2:248 BW; art. 2:9 BW). Vorderingen zorgverzekeraars. Matiging, schadebegroting. Falend…

  • ECLI:NL:RBOBR:2023:5074Rechtbank Oost-Brabant, 11 oktober 2023 (insolventierecht)

    Hoger beroep van beschikking van de rechter-commissaris, waarbij aan de curator goedkeuring is verleend tot het aangaan van een vaststellingsovereenkomst; art. 104 Fw. Begrip partij artikel 67 Fw. Is…

  • ECLI:NL:PHR:2022:37Parket bij de Hoge Raad, 21 januari 2022 (insolventierecht)

    Faillissements(proces)recht; verrekening ex art. 53 Fw; gevolgen schorsing ex art. 29 Fw na beëindiging faillissement door verbindend worden slotuitdelingslijst; analogie met HR 11 januari 2013…

  • ECLI:NL:PHR:2021:85Parket bij de Hoge Raad, 29 januari 2021 (civiel recht)

    Personen- en familierecht. Procesrecht. Ter zitting bereikte schikking. Onbegrijpelijk oordeel in einduitspraak in het licht van het proces-verbaal over wat partijen zijn overeengekomen.

40 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.