Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 292 Fw

Geldt sinds 23 december 2017

  1. 1

    Tegen de uitspraak tot toewijzing van het verzoek om een bevel tot instemming met een schuldregeling, bedoeld in artikel 287a, eerste lid, kunnen de schuldeisers die het verzoek betrof gedurende acht dagen na de dag van de uitspraak in hoger beroep komen.

  2. 2

    Tegen de uitspraak tot toepassing van de schuldsaneringsregeling kan noch door schuldeisers noch door andere belanghebbenden verzet, hoger beroep of cassatie worden ingesteld, onverminderd overeenkomstige toepassing van artikel 215a.

  3. 3

    Tegen de uitspraak tot afwijzing van het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling kan de schuldenaar gedurende acht dagen na de dag van de uitspraak in hoger beroep komen. Wanneer het verzoek tevens een verzoek inhield als bedoeld in het eerste lid, wordt dit verzoek eveneens aan het gerechtshof voorgelegd.

  4. 4

    Het hoger beroep wordt ingesteld door indiening van een verzoek ter griffie van het gerechtshof, dat van de zaak kennis moet nemen. De voorzitter bepaalt terstond dag en uur voor de behandeling, welke zal moeten plaatshebben binnen twintig dagen na de dag van de indiening van het verzoek. De uitspraak vindt niet later plaats dan op de achtste dag na die van de behandeling van het verzoek ter zitting.

  5. 5

    Van het arrest, waarbij het verzoek van de schuldenaar bedoeld in de eerste zin van het derde lid, en indien van toepassing tevens het verzoek bedoeld in de tweede zin van het derde lid, door het gerechtshof is afgewezen, kan de schuldenaar gedurende acht dagen na die van de uitspraak in cassatie komen.

  6. 6

    Van het arrest, waarbij het verzoek van de schuldeisers bedoeld in het eerste lid, door het gerechtshof is afgewezen, kunnen deze schuldeisers gedurende acht dagen na die van de uitspraak in cassatie komen.

  7. 7

    Het beroep in cassatie wordt ingesteld door indiening van een verzoek ter griffie van de Hoge Raad.

  8. 8

    Indien het verzoek van de schuldenaar in hoger beroep of cassatie wordt verworpen, kan de schuldenaar niet ambtshalve in staat van faillissement worden verklaard.

  9. 9

    Wordt de toepassing van de schuldsaneringsregeling pas in hoger beroep of cassatie uitgesproken, dan geeft de griffier van het rechtscollege daarvan onverwijld kennis aan de griffier van de rechtbank, waarbij de schuldenaar zijn verzoek heeft ingediend. De rechtbank gaat terstond na die kennisgeving over tot benoeming van een rechter-commissaris en een bewindvoerder.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1332Parket bij de Hoge Raad, 28 november 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek. Tweede cassatieronde tussen…

  • ECLI:NL:HR:2025:753Hoge Raad, 16 mei 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Art. 350 Fw. Verzoek van schuldeiser tot tussentijdse beëindiging. Feiten en omstandigheden die reden zouden zijn geweest verzoek tot toelating af te wijzen? Goede trouw-toets. Is hof…

  • ECLI:NL:PHR:2025:191Parket bij de Hoge Raad, 12 februari 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek.

  • ECLI:NL:PHR:2022:1067Parket bij de Hoge Raad, 15 november 2022 (insolventierecht)

    WSNP. Verzoek tot toepassing schuldsaneringsregeling. Ontbreken van gegevens als bedoeld in art. 285 lid 1 Fw. Verlenging termijn en niet-ontvankelijkheid appel; art. 287 lid 2 Fw.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2424Gerechtshof Amsterdam, 18 augustus 2026 (civiel recht)

    Hoger beroep tegen afwijzing dwangakkoord. Schuldenaar heeft ook in hoger beroep onvoldoende inzicht verschaft in zijn volledige vermogens- en schuldenpositie. Het aangeboden akkoord is onvoldoende…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2077Gerechtshof Amsterdam, 14 juli 2026 (civiel recht)

    Hoger beroep tegen afwijzing dwangakkoord. Schuldenaar heeft ook in hoger beroep niet aannemelijk gemaakt dat de aangeboden schuldregeling het uiterste is waartoe hij financieel in staat moet worden…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18851Rechtbank Den Haag, 1 juli 2026 (insolventierecht)

    Afwijzing dwangakkoord. Nieuwe schulden na eerder positief afgerond schuldhulpverleningstraject.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:18879Rechtbank Den Haag, 1 juli 2026 (insolventierecht)

    Afwijzing dwangakkoord. Weigering van schuldeisers met instemming schuldregeling niet onredelijk.

378 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.