Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 42a Fw

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Een rechtshandeling die is verricht nadat de schuldenaar ter griffie van de rechtbank een verklaring heeft gedeponeerd als bedoeld in artikel 370, derde lid, of nadat er overeenkomstig artikel 371 door de rechtbank een herstructureringsdeskundige is aangewezen, kan niet met een beroep op het vorige artikel worden vernietigd, als de rechter op verzoek van de schuldenaar voor die rechtshandeling een machtiging heeft afgegeven. De rechter honoreert dit verzoek als op het moment dat de machtiging wordt verstrekt redelijkerwijs valt aan te nemen dat: a.het verrichten van de rechtshandeling noodzakelijk is om: 1° de door de schuldenaar gedreven onderneming tijdens de voorbereiding van een akkoord als bedoeld in de artikelen genoemd in de aanhef te kunnen blijven voortzetten, of 2° een akkoord als bedoeld in de artikelen genoemd in de aanhef te kunnen voorbereiden, in stemming te kunnen brengen of overeenkomstig artikel 384 door de rechtbank te kunnen laten homologeren, en b.de belangen van de gezamenlijke schuldeisers van de schuldenaar bij deze rechtshandeling gediend zijn, terwijl geen van de individuele schuldeisers daardoor wezenlijk in zijn belangen wordt geschaad.

  2. 2

    De artikelen 369, zevende tot en met tiende lid, en 371, tweede lid, eerste, tweede en vijfde zin, en veertiende lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:346Parket bij de Hoge Raad, 26 maart 2024 (insolventierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Uitleg Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Kan bij een WHOA-akkoord de verplichting worden opgelegd aan financiers tot het verstrekken van nieuwe financiering…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:9608Rechtbank Rotterdam, 2 februari 2026 (insolventierecht)

    WHOA zaak. Opheffen afkoelingsperiode.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:9607Rechtbank Rotterdam, 19 januari 2026 (insolventierecht)

    WHOA zaak. Afkondigen afkoelingsperiode. Afgeven machtiging voor rechtshandelingen. Aanstellen observator.

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:210Rechtbank Noord-Nederland, 20 januari 2025 (insolventierecht)

    Verzet tegen vaststelling van het griffierecht door de Griffier. Door 12 vennootschappen worden in het kader van de WHOA diverse verzoeken gedaan (algemene afkoelingsperiode, opheffen beslagen en…

  • ECLI:NL:RBNNE:2024:2584Rechtbank Noord-Nederland, 12 juli 2024 (insolventierecht)

    WHOA, afkoelingsperiode afgewezen omdat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van de WHOA-toestand.

  • ECLI:NL:GHAMS:2024:2739Gerechtshof Amsterdam, 29 april 2024 (ondernemingsrecht)

    OK ; enquêterecht ; verzoek tot het bevelen van een onderzoek en het treffen van onmiddellijke voorzieningen ; gelijktijdige WHOA-procedure ; afwijzing verzoek.

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:5826Rechtbank Amsterdam, 6 maart 2024 (insolventierecht)

    Beschikking afwijzing verzoek afkoelingsperiode ex artikel 376 FW; aanwijzing herstructureringsdeskundige; afwijzing verzoek tot afgifte van een machtiging ex artikel 42a Fw.

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:1154Rechtbank Amsterdam, 27 februari 2024 (insolventierecht)

    WHOA; openbare akkoordprocedure; maatwerkvoorziening ex artikel 379 Fw (het van toepassing verklaren van de JIN Guidelines, JIN Modalities en door de Amerikaanse rechtbank vastgestelde bijzondere…

28 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.