Huidige tekst
Artikel 247c Fw
- 1
Indien de surseance van betaling wordt ingetrokken onder het gelijktijdig uitspreken van de toepassing van de schuldsaneringsregeling, gelden de volgende regelen: a.de bewindvoerder in de schuldsaneringsregeling oefent de bevoegdheid uit, in artikel 228, eerste lid, tweede volzin, aan de bewindvoerder in de surseance toegekend; b.boedelschulden, gedurende de toepassing van de surseance ontstaan, gelden ook in de toepassing van de schuldsaneringsregeling als boedelschulden; c.in de surseance ingediende vorderingen gelden als ingediend in de schuldsaneringsregeling.
- 2
Artikel 249, eerste lid, onder 1° en 4° , is van overeenkomstige toepassing.