Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 350 Fw

Geldt sinds 1 september 2017

  1. 1

    De rechtbank kan de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigen op voordracht van de rechter-commissaris of op verzoek van de bewindvoerder, van de schuldenaar dan wel van een of meer schuldeisers. Zij kan zulks ook ambtshalve doen.

  2. 2

    Alvorens te beslissen roept de rechtbank de schuldenaar op teneinde door haar te worden gehoord. Tevens kan zij schuldeisers en de bewindvoerder daartoe oproepen.

  3. 3

    Een beëindiging bedoeld in het eerste lid geschiedt indien: a.de vorderingen ten aanzien waarvan de schuldsaneringsregeling werkt, zijn voldaan; b.de schuldenaar in staat is zijn betalingen te hervatten; c.de schuldenaar een of meer van zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren nakomt of door zijn doen of nalaten de uitvoering van de schuldsaneringsregeling anderszins belemmert dan wel frustreert; d.de schuldenaar bovenmatige schulden doet of laat ontstaan; e.de schuldenaar tracht zijn schuldeisers te benadelen; f.feiten en omstandigheden bekend worden die op het tijdstip van de indiening van het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling reeds bestonden en die reden zouden zijn geweest het verzoek af te wijzen overeenkomstig artikel 288, eerste en tweede lid; g.de schuldenaar aannemelijk maakt niet in staat te zijn aan zijn uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen te voldoen.

  4. 4

    De uitspraak geschiedt bij vonnis. In de gevallen bedoeld in het derde lid, onder a en b, en bij het ontbreken van enige baten voor uitdeling, blijft verificatie van vorderingen alsmede het opmaken van en uitdelingslijst achterwege en eindigt de schuldsanering door het in kracht van gewijsde gaan van het vonnis.

  5. 5

    Indien de beëindiging geschiedt op grond van het bepaalde in het derde lid, onder c tot en met g, en er baten beschikbaar zijn om daaruit vorderingen geheel of gedeeltelijk te voldoen, verkeert de schuldenaar van rechtswege in staat van faillissement zodra de uitspraak in kracht van gewijsde is gegaan. De rechtbank benoemt terstond een rechter-commissaris en een curator.

  6. 6

    Van de beëindiging wordt door de bewindvoerder aankondiging gedaan in de Staatscourant of, indien het vijfde lid toepassing vindt, door de curator in de publicatie bedoeld in artikel 14, derde lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:846Hoge Raad, 5 juni 2026 (verbintenissenrecht)

    WSNP. Art. 350 Fw en art. 288 Fw. Verzoek van schuldeiser tot tussentijdse beëindiging. Feiten en omstandigheden die reden zouden zijn geweest verzoek tot toelating af te wijzen? Goede trouw-toets.…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1332Parket bij de Hoge Raad, 28 november 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek. Tweede cassatieronde tussen…

  • ECLI:NL:HR:2025:753Hoge Raad, 16 mei 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Art. 350 Fw. Verzoek van schuldeiser tot tussentijdse beëindiging. Feiten en omstandigheden die reden zouden zijn geweest verzoek tot toelating af te wijzen? Goede trouw-toets. Is hof…

  • ECLI:NL:PHR:2025:191Parket bij de Hoge Raad, 12 februari 2025 (insolventierecht)

    WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:13413Rechtbank Rotterdam, 30 september 2026 (insolventierecht)

    Tussentijdse beëindiging toegewezen. Tekortkoming in de info- en afdrachtverplichting. Ook zijn er nieuwe schulden ontstaan.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:14712Rechtbank Rotterdam, 20 augustus 2026 (insolventierecht)

    Negatieve schone lei. Tekortkoming in de informatieplicht, inspanningsplicht en afdrachtplicht. Daarnaast zijn er nieuwe schulden ontstaan.

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:3579Rechtbank Noord-Nederland, 7 augustus 2026 (insolventierecht)

    Tussentijdse beëindiging WSNP op verzoek schuldeiser geweigerd. Niet geleken van feiten en omstandigheden die bij toelating WSNP niet bekend waren en die reden zouden zijn geweest om het verzoek af…

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:3598Rechtbank Noord-Nederland, 28 juli 2026 (insolventierecht)

    Tussentijdse beëindiging op grond van artikel 350. lid 3 sub c Faillissementswet (Fw), niet voldaan aan inspanningsverplichting.

1.279 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.