Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 374 Fw

Geldt sinds 15 oktober 2020

  1. 1

    Schuldeisers en aandeelhouders worden in verschillende klassen ingedeeld, als de rechten die zij bij een vereffening van het vermogen van de schuldenaar in faillissement hebben of de rechten die zij op basis van het akkoord aangeboden krijgen zodanig verschillend zijn dat van een vergelijkbare positie geen sprake is. In ieder geval worden schuldeisers of aandeelhouders die overeenkomstig Titel 10 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, een andere wet of een daarop gebaseerde regeling dan wel een overeenkomst bij het verhaal op het vermogen van de schuldenaar een verschillende rang hebben, in verschillende klassen ingedeeld.

  2. 2

    Concurrente schuldeisers worden tezamen in één of meer aparte klassen ingedeeld, als: a.deze schuldeisers op het moment dat het akkoord overeenkomstig artikel 381 ter stemming wordt voorgelegd, een rechtspersoon zijn als bedoeld in de artikelen 395a en 396 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of een schuldeiser bij wie op dat moment vijftig of minder personen werkzaam zijn dan wel ten aanzien waarvan uit een opgave krachtens de Handelsregisterwet 2007 blijkt dat er vijftig of minder personen werkzaam zijn met een vordering voor geleverde goederen of diensten of een vordering uit een onrechtmatige daad als bedoeld in artikel 162 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, en b.aan deze schuldeisers op basis van het akkoord een uitkering in geld aangeboden wordt die minder bedraagt dan 20% van het bedrag van hun vorderingen of onder het akkoord een recht wordt aangeboden dat een waarde vertegenwoordigt die minder bedraagt dan 20% van het bedrag van hun vorderingen.

  3. 3

    Schuldeisers met een voorrang die voortvloeit uit pand of hypotheek als bedoeld in artikel 278, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek worden enkel voor het deel van hun vordering waarvoor de voorrang geldt in één of meer klassen van schuldeisers met een dergelijk voorrang ingedeeld, tenzij hierdoor geen verandering ontstaat in de verdeling van de waarde die met het akkoord wordt gerealiseerd. Voor het overige deel van hun vordering worden deze schuldeisers ingedeeld in een klasse van schuldeisers zonder voorrang. Bij de bepaling van het deel van de vordering waarvoor de voorrang tot zekerheid strekt, wordt uitgegaan van de waarde die naar verwachting in een faillissement volgens de wettelijke rangorde door deze schuldeiser op basis van zijn pand- of hypotheekrechten verkregen zou zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:434Parket bij de Hoge Raad, 24 april 2026 (insolventierecht)

    Sprongcassatie. Insolventierecht. WHOA. Binding aan aspectenbeschikking ex art. 378 lid 9 Fw. Gezag van gewijsde? Ook binding derde als bedoeld in art. 370 lid 2 Fw? Regresverbod art. 370 lid 2 Fw.…

  • ECLI:NL:HR:2024:1533Hoge Raad, 25 oktober 2024 (civiel recht)

    Cassatie in het belang der wet. Insolventierecht. WHOA. Art. 370 lid 1 Fw. Kan financier door homologatie van akkoord worden verplicht om nog niet benutte kredietruimte aan schuldenaar ter…

  • ECLI:NL:PHR:2024:346Parket bij de Hoge Raad, 26 maart 2024 (insolventierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Uitleg Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Kan bij een WHOA-akkoord de verplichting worden opgelegd aan financiers tot het verstrekken van nieuwe financiering…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1152Parket bij de Hoge Raad, 6 december 2021 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Vallen de vorderingen van een bedrijfstakpensioenfonds bestaande uit achterstallige pensioenpremies, op grond van art. 369 lid 4 Fw – de…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9679Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 september 2026 (insolventierecht)

    WHOA. Homologatie akkoord.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9676Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 3 september 2026 (insolventierecht)

    WHOA. Verlenging afkoelingsperiode.

  • ECLI:NL:RBAMS:2026:5152Rechtbank Amsterdam, 22 mei 2026 (insolventierecht)

    homologatie van een WHOA-akkoord van een VOF en haar vennoten

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:820Rechtbank Noord-Nederland, 5 februari 2026 (insolventierecht)

    Homologatie akkoord WHOA-procedure.

97 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.