Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 241 Fw

Geldt sinds 1 december 2005

De surseance werkt niet ten voordele van de borgen en andere medeschuldenaren.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2016:1294Hoge Raad, 24 juni 2016 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Tweede faillissement. Aanvang verjaringstermijn van gedurende het eerste faillissement ontstane rentevorderingen (art. 3:308 BW). Vraag of deze vorderingen, die gedurende dat…

  • ECLI:NL:PHR:2013:113Parket bij de Hoge Raad, 12 juli 2013 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Beëindiging bedrijfsruimtehuur door curator na faillissement huurder, art. 39 Fw. Geen inroepbaarheid jegens de boedel van contractueel schadevergoedingsbeding, vgl. HR 14…

  • ECLI:NL:RBZWB:2021:421Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 1 februari 2021 (civiel recht)

    Verzoek herziening griffierecht ex art.29 Wgbz. Tussen de verzoeken tot het verlenen van surseance van betaling aan alle vennootschappen van de groep bestaat geen direct verband. Ieder verzoek staat…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.