Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 373 Fw

Geldt sinds 1 januari 2023

  1. 1

    Als de schuldenaar verkeert in een toestand als bedoeld in artikel 370, eerste lid, kan de schuldenaar of de herstructureringsdeskundige zo die is aangewezen, aan een wederpartij met wie de schuldenaar een overeenkomst heeft gesloten, een voorstel doen tot wijziging of beëindiging van die overeenkomst. Stemt de wederpartij niet in met het voorstel, dan kan de schuldenaar of de herstructureringsdeskundige de overeenkomst tussentijds doen opzeggen, mits een akkoord is aangeboden dat overeenkomstig artikel 384 door de rechtbank wordt gehomologeerd en de rechtbank daarbij toestemming geeft voor deze eenzijdige opzegging. De opzegging vindt in dat geval van rechtswege plaats op de dag waarop het akkoord door de rechtbank is gehomologeerd tegen een door de schuldenaar of de herstructureringsdeskundige gestelde termijn. Komt deze termijn de rechtbank niet redelijk voor, dan kan zij bij de verlening van de toestemming een langere termijn vaststellen, met dien verstande, dat een termijn van drie maanden vanaf de homologatie van het akkoord in elk geval voldoende is.

  2. 2

    Na de eenzijdige opzegging, bedoeld in het eerste lid, heeft de wederpartij recht op vergoeding van de schade die hij lijdt vanwege de beëindiging van de overeenkomst. Afdeling 10 van Titel 1 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek is van toepassing. Het akkoord, bedoeld in artikel 370, eerste lid, kan voorzien in een wijziging van het toekomstige recht op schadevergoeding.

  3. 3

    Het voorbereiden en aanbieden van een akkoord als bedoeld artikel 370, eerste lid, en de aanwijzing van een herstructureringsdeskundige, bedoeld in artikel 371, alsmede gebeurtenissen en handelingen die daarmee of met de uitvoering van het akkoord rechtstreeks verband houden en daarvoor redelijkerwijs noodzakelijk zijn, zoals het verzoek tot en de afkondiging van een afkoelingsperiode als bedoeld in artikel 376, zijn geen grond voor wijziging van verbintenissen of verplichtingen jegens de schuldenaar, voor opschorting van de nakoming van een verbintenis jegens de schuldenaar en voor ontbinding van een met de schuldenaar gesloten overeenkomst.

  4. 4

    Is overeenkomstig artikel 376 een afkoelingsperiode afgekondigd, dan geldt tijdens die periode dat een verzuim van de schuldenaar in de voldoening van een schuld die is ontstaan vóór de afkoelingsperiode, geen grond is voor de wijziging van verbintenissen of verplichtingen jegens de schuldenaar, voor opschorting van de nakoming van een verbintenis jegens de schuldenaar en voor ontbinding van een met de schuldenaar gesloten overeenkomst voor zover zekerheid is gesteld voor de nakoming van de nieuwe verplichtingen die ontstaan tijdens de afkoelingsperiode.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:434Parket bij de Hoge Raad, 24 april 2026 (insolventierecht)

    Sprongcassatie. Insolventierecht. WHOA. Binding aan aspectenbeschikking ex art. 378 lid 9 Fw. Gezag van gewijsde? Ook binding derde als bedoeld in art. 370 lid 2 Fw? Regresverbod art. 370 lid 2 Fw.…

  • ECLI:NL:HR:2024:1533Hoge Raad, 25 oktober 2024 (civiel recht)

    Cassatie in het belang der wet. Insolventierecht. WHOA. Art. 370 lid 1 Fw. Kan financier door homologatie van akkoord worden verplicht om nog niet benutte kredietruimte aan schuldenaar ter…

  • ECLI:NL:PHR:2024:346Parket bij de Hoge Raad, 26 maart 2024 (insolventierecht)

    Cassatie in het belang der wet. Uitleg Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Kan bij een WHOA-akkoord de verplichting worden opgelegd aan financiers tot het verstrekken van nieuwe financiering…

  • ECLI:NL:HR:2022:328Hoge Raad, 25 februari 2022 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA). Art. 369 lid 4 Fw. Is de WHOA van toepassing op vorderingen van bedrijfstakpensioenfondsen voor achterstallige…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:9155Rechtbank Rotterdam, 2 juli 2026 (insolventierecht)

    WHOA-zaak. Afkondigen afkoelingsperiode en aanstellen observator.

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:659Rechtbank Midden-Nederland, 27 januari 2026 (insolventierecht)

    WHOA. Een voorlopig verleende afkoelingsperiode wordt definitief afgekondigd. Geen aanleiding om nadere voorzieningen te treffen.

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:4369Rechtbank Midden-Nederland, 6 augustus 2025 (civiel recht)

    Gedaagde is enig (indirect) bestuurder van [X] B.V. Eiser verhuurde een bedrijfsruimte aan [X} B.V., maar vanwege een betalingsachterstand is de huurovereenkomst per 1 mei 2024 ontbonden en heeft [X]…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:2652Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 22 april 2025 (insolventierecht)

    WHOA. Aspectenverzoek (378 Fw).

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.