Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 137a Fw

Geldt sinds 1 januari 2019

  1. 1

    Indien aannemelijk is dat de beschikbare baten niet voldoende zijn om daaruit de concurrente vorderingen geheel of gedeeltelijk te voldoen, kan de rechter-commissaris op verzoek van de curator dan wel ambtshalve bepalen dat afhandeling van concurrente vorderingen achterwege blijft en dat geen verificatievergadering wordt gehouden.

  2. 2

    De curator geeft van de in het eerste lid bedoelde beschikking onmiddellijk aan alle bekende schuldeisers schriftelijk kennis en doet daarvan aankondiging in de Staatscourant.

  3. 3

    Ingeval de in het eerste lid bedoelde beschikking is gegeven, is deze afdeling van toepassing. De vijfde afdeling vindt geen toepassing. Op niet-concurrente vorderingen zijn de artikelen 128 tot en met 136 van de vijfde afdeling van overeenkomstige toepassing. De zesde en de zevende afdeling vinden geen toepassing, tenzij hierna anders is bepaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1279Parket bij de Hoge Raad, 19 november 2025 (insolventierecht)

    Prejudiciële vragen art. 392 Rv. Wsnp. Uitleg art. 349a lid 1 Fw, dat het sinds 1 juli 2023 mogelijk maakt dat de wettelijke schuldsanering eerder aanvangt dan met het toelatingsvonnis. Zijn…

  • ECLI:NL:PHR:2022:540Parket bij de Hoge Raad, 3 juni 2022 (civiel recht)

    Erfrecht. Vereffening beneficiair aanvaarde nalatenschap. Kan de vereffenaar de ingediende tussentijdse uitdelingslijst intrekken? Heeft erfgenaam belang heeft bij haar verzet?

  • ECLI:NL:HR:2020:1310Hoge Raad, 17 juli 2020 (burgerlijk procesrecht)

    Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW)…

  • ECLI:NL:PHR:2020:391Parket bij de Hoge Raad, 27 maart 2020 (personen- en familierecht)

    Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW)…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10908Rechtbank Rotterdam, 13 juli 2026 (insolventierecht)

    Omzettingsverzoek toegewezen. Toegelaten op basis van de hardheidsclausule in verband met schulden die niet te goeder trouw zijn ontstaan.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:6579Rechtbank Rotterdam, 30 april 2026 (insolventierecht)

    Omzetting faillissement in Wsnp.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:10753Rechtbank Den Haag, 15 april 2026 (insolventierecht)

    Na vereenvoudigde afwikkeling faillissement (art. 137a Fw), bevel aan curator om over te gaan tot vereffening en verdeling nagekomen bate o.g.v. de verbindend geworden uitdelingslijst (art. 194 Fw).

  • ECLI:NL:RBROT:2026:6732Rechtbank Rotterdam, 29 januari 2026 (insolventierecht)

    Omzetting faillissement in Wsnp.

65 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.