Faillissementswet

Fw

Huidige tekst

Artikel 37 Fw

Geldt sinds 1 december 2005

  1. 1

    Indien een wederkerige overeenkomst ten tijde van de faillietverklaring zowel door de schuldenaar als door zijn wederpartij in het geheel niet of slechts gedeeltelijk is nagekomen en de curator zich niet binnen een hem daartoe schriftelijk door de wederpartij gestelde redelijke termijn bereid verklaart de overeenkomst gestand te doen, verliest de curator het recht zijnerzijds nakoming van de overeenkomst te vorderen.

  2. 2

    Indien de curator zich wel tot nakoming van de overeenkomst bereid verklaart, is hij verplicht bij die verklaring voor deze nakoming zekerheid te stellen.

  3. 3

    De vorige leden zijn niet van toepassing op overeenkomsten waarbij de gefailleerde slechts verbintenissen op zich heeft genomen tot door hem persoonlijk te verrichten handelingen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:998Parket bij de Hoge Raad, 23 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Prejudiciële vragen. Faillissement van energieleverancier eind 2021. Voortzetting energieleveranties aan kleinverbruikers o.g.v. het Besluit leveringszekerheid Elektriciteitswet 1998 en het Besluit…

  • ECLI:NL:PHR:2026:991Parket bij de Hoge Raad, 16 oktober 2026 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Goederenrecht. Revindicatie van een verkocht schip dat als gevolg van het uitblijven van een geldige goederenrechtelijke levering nog steeds eigendom is van de failliet, terwijl…

  • ECLI:NL:PHR:2026:674Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (civiel recht)

    Agrarische erfpacht. Fosfaatrechten. Heeft de erfverpachter een aanspraak ter zake van aan de erfpachter toegekende fosfaatrechten volgens dezelfde uitgangspunten als die in het geval van pacht…

  • ECLI:NL:PHR:2025:752Parket bij de Hoge Raad, 4 juli 2025 (verbintenissenrecht)

    Prejudiciële vragen over de verschuldigdheid, kwalificatie en rang van wettelijke rente (art. 6:119 BW) en wettelijke verhoging (art. 7:625 BW) over loon dat boedelschuld is. Betekenis van de…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:6535Rechtbank Oost-Brabant, 2 september 2026 (civiel recht)

    Renvooiprocedure met tegenvordering van de curator. Verrekeningsverweer in reconventie slaagt (ex artikel 53 Fw). Vordering van de wederpartij van failliet is door verrekening tenietgegaan en hoeft…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:4561Rechtbank Noord-Holland, 15 april 2026 (verbintenissenrecht)

    Gemeente Schagen is contractueel gehouden tegenover Schagen Actief BV (SA) om de exploitatietekorten van SA te dekken. Uitleg van overeenkomst (toepassing van Haviltex-criterium). De gemeente heeft…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:7248Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 11 november 2025 (civiel recht)

    Faillissementsrecht. Artikel 26 Fw. Kan de vordering alleen worden ingesteld door aanmelding ter verificatie? Tussenarrest.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:6049Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 september 2025 (insolventierecht)

    Gedaagde is ingeschakeld in het kader van een reddingspoging. Die is niet geslaagd, vennootschappen zijn failliet verklaard. Curatoren vernietigen rechtshandelingen op grond van artikel 42 Fw, de…

198 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.