Wet op het financieel toezicht

Wft

Huidige tekst

Artikel 1:73 Wft

Geldt sinds 1 januari 2007

  1. 1

    De personen, bedoeld in artikel 1:72, eerste lid, beschikken niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18 en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht.

  2. 2

    Voorzover de door de Autoriteit Financiële Markten op grond van artikel 1:72 aangewezen personen voor het uitoefenen van het gedragstoezicht ten aanzien van financiële ondernemingen waaraan de Nederlandsche Bank een vergunning heeft verleend, gegevens nodig hebben over aspecten van de bedrijfsvoering, bedoeld in artikel 3:17, tweede lid, onderdeel a of b, maken deze personen geen gebruik van hun bevoegdheden op grond van de artikelen 5:15, 5:16 of 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht, dan nadat de Nederlandsche Bank is verzocht deze gegevens te verstrekken en is gebleken dat de Nederlandsche Bank niet aan dit verzoek tegemoet kan komen.

  3. 3

    Voorzover de door de Nederlandsche Bank op grond van artikel 1:72 aangewezen personen voor het uitoefenen van het prudentieel toezicht ten aanzien van financiële ondernemingen waaraan de Autoriteit Financiële Markten een vergunning heeft verleend, gegevens nodig hebben over aspecten van de bedrijfsvoering als bedoeld in artikel 4:14, tweede lid, onderdeel a of b, maken de door de Nederlandsche Bank op grond van artikel 1:72 aangewezen personen geen gebruik van hun bevoegdheden op grond van de artikelen 5:15, 5:16 of 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht, dan nadat de Autoriteit Financiële Markten is verzocht deze gegevens te verstrekken en is gebleken dat de Autoriteit Financiële Markten niet aan dit verzoek tegemoet kan komen.

  4. 4

    Van het tweede en derde lid kan, na overleg met de andere toezichthouder, worden afgeweken indien sprake is van een redelijk vermoeden van een overtreding van het bij of krachtens deze wet gestelde en onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:CBB:2019:496College van Beroep voor het bedrijfsleven, 15 oktober 2019 (bestuursrecht)

    Wet financieel toezicht. Intrekking Wft-vergunning financiële dienstverlener. Geen integere en beheerste bedrijfsvoering. Nieuwe gronden. Hoger beroep ongegrond.

  • ECLI:NL:RBROT:2012:BW0925Rechtbank Rotterdam, 29 maart 2012 (bestuursrecht)

    AFM heeft Kroon Parken een last onder dwangsom opgelegd gericht op het alsnog verstrekken van inlichtingen omtrent de activiteiten die door haar worden en/of zijn verricht met betrekking tot de…

  • ECLI:NL:RBROT:2012:BW0058Rechtbank Rotterdam, 20 maart 2012 (bestuursrecht)

    AFM heeft een last onder dwangsom opgelegd opdat [A] alsnog een kopie zal overleggen van de bankafschriften van het/de bankrekeningnummer(s) die [A] aanhoudt voor haar bedrijfsactiviteiten vanaf 1…

  • ECLI:NL:RBROT:2011:BR4152Rechtbank Rotterdam, 4 augustus 2011 (bestuursrecht)

    AFM heeft eiser gelast binnen tien werkdagen na dagtekening van dit besluit onder verbeurte van een dwangsom van € 4.000 per dag of gedeelte daarvan, tot een maximum van € 80.000 alsnog schriftelijk…

  • ECLI:NL:RBROT:2010:BM4487Rechtbank Rotterdam, 20 april 2010 (bestuursrecht)

    Nalevingstoezicht. Artikelen 5:17 en 5:20 Awb en 1:74 Wft. AFM heeft aan een financiële onderneming een last opgelegd die ertoe strekt dat zij binnen drie werkdagen na dagtekening van dit besluit…

  • ECLI:NL:RBROT:2009:BL2063Rechtbank Rotterdam, 2 juli 2009 (bestuursrecht)

    Artikel 1:97 Wet op het financieel toezicht. Proces-verbaal mondelinge uitspraak strekkende tot schorsing van het besluit tot publicatie van een boete door de AFM. De AFM heeft het bestreden besluit…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.