Wet op het financieel toezicht

Wft

Huidige tekst

Artikel 4:71i Wft

Geldt sinds 11 november 2016

  1. 1

    Een bank kan een overeenkomst met de houder van de basisbetaalrekening of een raamovereenkomst waarin toegang tot een basisbetaalrekening wordt geregeld eenzijdig beëindigen indien de houder van die rekening: a.gedurende meer dan 24 opeenvolgende maanden op de basisbetaalrekening geen transacties heeft verricht; b.een tweede betaalrekening, waarmee hij gebruik kan maken van de in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn betaalrekeningen genoemde diensten, bij een andere in Nederland gevestigde bank heeft; c.niet langer rechtmatig in de Europese Unie verblijft; d.onherroepelijk is veroordeeld voor een misdrijf als bedoeld in de artikelen 225, 227a, 326, 341, 420 bis of 420 ter van het Wetboek van strafrecht; e.onjuiste of onvolledige informatie heeft verstrekt om toegang tot de basisbetaalrekening te verkrijgen en verstrekking van de juiste en volledige informatie ertoe zou hebben geleid dat de bank het openen van een basisbetaalrekening zou hebben geweigerd op grond van artikel 4:71g; of f.de basisbetaalrekening opzettelijk heeft gebruikt voor het plegen van strafbare feiten.

  2. 2

    Indien de bank voornemens is de overeenkomst te beëindigen op grond van het eerste lid, onderdeel a, b of c, stelt zij de rekeninghouder twee maanden voor de beëindiging van de overeenkomst hiervan in kennis.

  3. 3

    Indien de bank de overeenkomst beëindigt op grond van het eerste lid, onderdeel d, e of f, beëindigt zij de overeenkomst onmiddellijk en stelt zij de rekeninghouder hiervan in kennis.

  4. 4

    Artikel 4:71h, derde lid, is van overeenkomstige toepassing op de kennisgeving, bedoeld in het tweede en derde lid.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2021:239Parket bij de Hoge Raad, 12 maart 2021 (civiel recht)

    Verbintenissenrecht. Vordering van saunaclub tot herstel bankrelatie (bankrekening en storten contant geld) na opzegging wegens o.m. witwasrisico. Contractsvrijheid; maatschappelijke positie banken…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1429Gerechtshof Amsterdam, 19 mei 2026 (civiel recht)

    Kopje voor publicatie: Kort geding; vordering herstel bankrelatie en verwijdering o.a. EVR-registratie. Hof acht voorshands voldoende aannemelijk dat appellant zijn bankrekening opzettelijk heeft…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:7005Rechtbank Amsterdam, 14 november 2024 (verbintenissenrecht)

    KG vordering voortzetting bancaire relatie afgewezen.

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:2633Rechtbank Amsterdam, 8 mei 2024 (verbintenissenrecht)

    Consumentenbescherming tegen de opzegging van een bankrelatie. Bij gebrek aan een opzeggingsgrond zoals limitatief opgesomd in de wet, kan de opzegging geen stand houden voor wat betreft het leveren…

  • ECLI:NL:RBMNE:2021:6267Rechtbank Midden-Nederland, 29 december 2021 (civiel recht)

    Beëindiging bankrekening ‘onbedoelde Amerikaan’. Zorgplicht bank. FATCA-verdrag. De Volksbank wordt verboden de bankrekeningen van een ‘onbedoelde Amerikaan’ te beëindigen. De man weigerde een US tax…

  • ECLI:NL:RBROT:2019:8534Rechtbank Rotterdam, 14 oktober 2019 (verbintenissenrecht)

    Kort geding; vordering tot deblokkeren of heropenen betaalrekening afgewezen, aangezien de bank in de gegeven omstandigheden (betrokkenheid bij fraude) op grond van de toepasselijke voorwaarden in…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.