Wet op het financieel toezicht

Wft

Huidige tekst

Artikel 4:17 Wft

Geldt sinds 18 juli 2025

  1. 1

    Een beheerder van een icbe, beleggingsonderneming die beleggingsdiensten verleent, een betaaldienstverlener, clearinginstelling, financiëledienstverlener of kredietservicer draagt zorg voor een adequate behandeling van klachten van cliënten, consumenten, deelnemers of kredietnemers over betaaldiensten, financiële diensten of financiële producten van de financiële onderneming. Hiertoe: a.beschikt de financiële onderneming over een interne klachtenprocedure, gericht op een spoedige en zorgvuldige behandeling van klachten; en b.is de financiële onderneming aangesloten bij een door Onze Minister op grond van artikel 16, eerste lid, van de Implementatiewet buitengerechtelijke geschillenbeslechting consumenten aangewezen instantie tot beslechting van geschillen met betrekking tot betaaldiensten, financiële diensten of financiële producten van de financiële onderneming, tenzij er geen zodanige instantie is.

  2. 2

    Het eerste lid, onderdeel b, is niet van toepassing op financiële ondernemingen voorzover zij: a.beleggingsdiensten uitsluitend voor professionele beleggers verlenen; of b.optreden als clearinginstelling.

  3. 3

    Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de afhandeling van klachten. Voorts kunnen, in aanvulling op de Implementatiewet buitengerechtelijke geschillenbeslechting consumenten gestelde regels, bij algemene maatregel van bestuur nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aan instanties of procedures tot buitengerechtelijke beslechting van geschillen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, te stellen eisen, alsmede regels met betrekking tot de door die instanties aan Onze Minister te verstrekken informatie.

  4. 4

    Het eerste lid, aanhef en onderdeel a, is van overeenkomstige toepassing op een kredietkoper en kredietservicingaanbieder.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:1636Hoge Raad, 9 oktober 2026 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen op voet van art. 392 Rv. Vermogensrecht. Consumentenrecht. Verzekeringsrecht. Online gesloten schadeverzekering auto. Moet civiele rechter ambtshalve onderzoeken of in Wft en BGfo…

  • ECLI:NL:HR:2020:1274Hoge Raad, 10 juli 2020 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art.…

  • ECLI:NL:HR:2020:1276Hoge Raad, 10 juli 2020 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art.…

  • ECLI:NL:PHR:2020:358Parket bij de Hoge Raad, 9 april 2020 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art.…

  • ECLI:NL:CBB:2023:591College van Beroep voor het bedrijfsleven, 17 oktober 2023 (bestuursrecht)

    Hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 14 juli 2021 (ECLI:NL:RBROT:2021:7987). De AFM heeft bestuurlijke boetes opgelegd aan een bemiddelaar en adviseur in hypothecair krediet…

  • ECLI:NL:RBROT:2022:5485Rechtbank Rotterdam, 17 juni 2022 (bestuursrecht)

    BC FT. De AFM heeft eiser een boete opgelegd vanwege het feitelijk leidinggeven aan overtreding van artikel 4:11,eerste lid, van de Wft. Dit blijkt volgens de AFM uit diverse overtredingen van de Wft…

  • ECLI:NL:RBROT:2021:7987Rechtbank Rotterdam, 14 juli 2021 (bestuursrecht)

    Boetes voor (het feitelijk leidinggeven aan) het niet voeren van een adequaat beleid dat een integere uitoefening van het bedrijf waarborgt. Overtredingen regels omtrent beloningsbeleid en…

  • ECLI:NL:PHR:2020:359Parket bij de Hoge Raad, 9 april 2020 (civiel recht)

    Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art.…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.