Wet op het financieel toezicht

Wft

Huidige tekst

Artikel 3:18a Wft

Geldt sinds 17 januari 2025

  1. 1

    De Nederlandsche Bank evalueert periodiek, overeenkomstig de technische criteria, bedoeld in artikel 98 van de richtlijn kapitaalvereisten, van banken met zetel in Nederland en van beleggingsondernemingen onder de verordening kapitaalvereisten de wijze waarop de bedrijfsvoering is ingericht, de liquiditeit en de solvabiliteit, gelet op: a.de omvang en de aard van de huidige en mogelijk toekomstige risico’s voor de bank of beleggingsonderneming; b.de risico’s die zijn geïdentificeerd tijdens stresstests, rekening houdend met de aard, omvang en complexiteit van de activiteiten; c.de risico’s die zijn geïdentificeerd tijdens tests van digitale operationele weerbaarheid overeenkomstig hoofdstuk IV van de verordening digitale operationele weerbaarheid.

  2. 2

    Op grond van de evaluatie, bedoeld in het eerste lid, beoordeelt de Nederlandsche Bank of de wijze waarop de bedrijfsvoering is ingericht en de aangehouden liquiditeit en toetsingsvermogen, een degelijk beheer en een solide dekking van de financiële risico’s waarborgen.

  3. 3

    De Nederlandsche Bank stemt de frequentie en de omvang van de evaluatie af op de aard, omvang en complexiteit van de bank of beleggingsonderneming en het belang van de werkzaamheden van de desbetreffende financiële onderneming voor het financiële stelsel en kan, overeenkomstig artikel 97, vierde lid bis, van de richtlijn kapitaalvereisten, de methoden voor de evaluatie bedoeld in het eerste lid aanpassen.

  4. 4

    De Nederlandsche Bank actualiseert de evaluatie van banken en beleggingsondernemingen waar het onderzoeksprogramma, bedoeld in artikel 99, tweede lid, van de richtlijn kapitaalvereisten, betrekking op heeft, ten minste eenmaal per jaar.

  5. 5

    De Nederlandsche Bank voert ten behoeve van de evaluatie ten minste eenmaal per jaar een stresstest uit.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2014:1825Parket bij de Hoge Raad, 10 oktober 2014 (civiel recht)

    Onteigening vermogensbestanddelen en effecten SNS Reaal en SNS Bank. Verzoek tot vaststelling schadeloosstelling, art. 6:8-10 Wft. Recht op volledige vergoeding van de schade, werkelijke waarde…

  • ECLI:NL:GHAMS:2022:3392Gerechtshof Amsterdam, 30 november 2022 (ondernemingsrecht)

    OK; Enquête; Afwijzing verzoek tot vaststelling van wanbeleid bij SNS Reaal N.V. en SNS Bank N.V.

  • ECLI:NL:GHAMS:2018:2651Gerechtshof Amsterdam, 26 juli 2018 (ondernemingsrecht)

    OK; Enquête; onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van SNS Reaal N.V. en SNS Bank N.V. over de periode vanaf 1 juli 2006 tot 1 februari 2013, de dag waarop het SNS-concern is…

  • ECLI:NL:CBB:2016:105College van Beroep voor het bedrijfsleven, 10 mei 2016 (bestuursrecht)

    Mede gelet op het verhandelde ter zitting bij het College is komen vast te staan dat appellant sub 1 en appellanten sub 4 tot en met sub 14 houders zijn van aandelen in SNS REAAL en/of achtergestelde…

  • ECLI:NL:RBROT:2014:6522Rechtbank Rotterdam, 31 juli 2014 (bestuursrecht)

    Eisers, (voormalig) houders van effecten (aandelen in SNS Reaal en/of achtergestelde obligaties in SNS Bank), houders van onderhandse leningen en belangenorganisaties die opkomen voor de collectieve…

  • ECLI:NL:GHAMS:2013:1966Gerechtshof Amsterdam, 11 juli 2013 (ondernemingsrecht)

    Uitspraak inzake schadeloosstelling onteigende effecten en vermogensbestanddelen SNS REAAL N.V. en SNS Bank N.V. De Ondernemingskamer zal deskundigen benoemen om de waarde van de onteigende effecten…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.