Wet op het financieel toezicht

Wft

Huidige tekst

Artikel 4:104 Wft

Geldt sinds 1 januari 2020

  1. 1

    Tenzij anders wordt overeengekomen of de bemiddelaar zich bij de verzekering tegenover de verzekeraar tot betaling van premie en kosten als eigen schuld heeft verbonden, verzorgt bij schadeverzekeringen de bemiddelaar voor de verzekeraar het incasso van de premies. Ter zake van dit premie-incasso is hij jegens de verzekeraar te allen tijde rekening en verantwoording schuldig.

  2. 2

    Het eerste lid is niet van toepassing op betalingsbeschermers of individuele arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Onder betalingsbeschermer wordt verstaan: een verzekering ter dekking van het risico dat de verzekeringnemer betalingsverplichtingen uit hoofde van een overeenkomst inzake krediet niet kan nakomen.

  3. 3

    Tenzij tussen een verzekeraar en een bemiddelaar anders is overeengekomen kan de verzekeraar bepalen dat de bemiddelaar niet langer gerechtigd is tot premie-incasso, indien: a.de bemiddelaar niet meer is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 1:107; b.de bemiddelaar het premie-incasso in ernstige mate verwaarloost; c.de bemiddelaar in gebreke blijft namens de verzekeraar door hem geïnde premies tijdig aan deze af te dragen; of d.de bemiddelaar zich schuldig heeft gemaakt aan handelingen, die de vrees wettigen dat hij niet zal voldoen aan zijn uit het premie-incasso voortvloeiende verplichtingen.

  4. 4

    In de gevallen waarin op grond van het derde lid het premie-incasso door een bemiddelaar eindigt, wordt dit door de verzekeraar overgenomen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:786Parket bij de Hoge Raad, 12 juli 2019 (goederenrecht)

    Goederenrecht. Vraag of pandrecht kan worden gevestigd op een assurantieportefeuille (art. 3:228 BW). Is assurantieportefeuille een goed in de zin van art. 3:1 BW? Betekenis van art. 4:103 lid 4 Wft.

  • ECLI:NL:PHR:2015:28Parket bij de Hoge Raad, 23 januari 2015 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst tot overdracht assurantieportefeuille. Uitleg. Tekortkoming doordat een tot het concern van de overdrager behorende verzekeringnemer de verzekering opzegt? Schade.…

  • ECLI:NL:RBROT:2023:2791Rechtbank Rotterdam, 31 maart 2023 (bestuursrecht)

    Bestuurlijke boete vanwege feitelijk leidinggeven aan overtreding van artikel 115q BGfo en artikel 4:37p Wft door onderneming. De rechtbank heeft de boete gematigd vanwege de kortere…

  • ECLI:NL:RBROT:2023:2792Rechtbank Rotterdam, 31 maart 2023 (bestuursrecht)

    Bestuurlijke boete vanwege feitelijk leidinggeven aan overtreding van artikel 115q BGfo en artikel 4:37p Wft door onderneming. Beroep is ongegrond verklaard.

  • ECLI:NL:RBROT:2023:2793Rechtbank Rotterdam, 31 maart 2023 (bestuursrecht)

    Bestuurlijke boete aan feitelijk leidinggevende aan overtreding van artikel 115q BGfo en artikel 4:37p Wft door onderneming. Overtredingen zijn terecht tegengeworpen. Boete is wel gematigd gelet op…

  • ECLI:NL:RBGEL:2018:1571Rechtbank Gelderland, 4 april 2018 (civiel recht)

    Pandrecht op assurantieportefeuille niet mogelijk.

  • ECLI:NL:GHAMS:2016:5493Gerechtshof Amsterdam, 20 december 2016 (civiel recht)

    Aansprakelijkheid van (indirecte) bestuurders van vennootschap. Persoonlijk ernstig te maken verwijt is onvoldoende gesteld.

  • ECLI:NL:RBMNE:2016:2675Rechtbank Midden-Nederland, 25 mei 2016 (insolventierecht)

    Portefeuillerecht en faillissement. Faillissementsclausule is niet in strijd met de wet of redelijkheid en billijkheid.

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.