Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:55 BW

Bevestiging van een vernietigbare rechtshandeling redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De bevoegdheid om ter vernietiging van een rechtshandeling een beroep op een vernietigingsgrond te doen vervalt, wanneer hij aan wie deze bevoegdheid toekomt, de rechtshandeling heeft bevestigd, nadat de verjaringstermijn ter zake van de rechtsvordering tot vernietiging op die grond een aanvang heeft genomen.

  2. 2

    Eveneens vervalt de bevoegdheid om een beroep op een vernietigingsgrond te doen, wanneer een onmiddellijk belanghebbende na de aanvang van de verjaringstermijn aan hem aan wie deze bevoegdheid toekomt een redelijke termijn heeft gesteld om te kiezen tussen bevestiging en vernietiging en deze binnen deze termijn geen keuze heeft gedaan.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2024:1355Hoge Raad, 4 oktober 2024 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Unierecht. Consumentenrecht. Bestelknopbepaling (art. 6:230v lid 3 BW; art. 8 lid 2 Richtlijn 2011/83/EU betreffende consumentenrechten). Voldoet knop met alleen…

  • ECLI:NL:PHR:2024:114Parket bij de Hoge Raad, 2 februari 2024 (burgerlijk procesrecht)

    Procesrecht. Stelplicht en bewijslast verjaringsverweer in het kader van vernietiging borgtochtovereenkomst (art. 7:857 BW) door echtgenote bij gebrek aan haar toestemming (art. 1:88 lid 1 sub c BW…

  • ECLI:NL:PHR:2022:678Parket bij de Hoge Raad, 8 juli 2022 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als overeenkomst van opdracht. Bedongen opzegtermijn en opzeg- of annuleringsvergoeding…

  • ECLI:NL:PHR:2016:998Parket bij de Hoge Raad, 13 oktober 2016 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk ontbindingsverzoek van de werkgever mogelijk nadat de werknemer op staande voet is ontslagen?…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:3603Rechtbank Limburg, 15 april 2026 (verbintenissenrecht)

    Burgerlijk recht. Handel. Rechtbank. Hebben partijen, nadat hun huwelijk is ontbonden, in afwijking van het echtscheidingsconvenant, bij de notaris nieuwe afspraken gemaakt over de afwikkeling van de…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:3018Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 1 april 2026 (verbintenissenrecht)

    Tussen partijen heeft eerder een huurovereenkomst bestaan. Eiseres, de verhuurder, vordert betaling van huurachterstand, indexeringen, verbouwingskosten, een boete en te weinig betaalde…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:1234Rechtbank Overijssel, 6 maart 2026 (civiel recht)

    Welbions vordert dat gedaagden de door hen gehuurde woning te ontruimen, omdat zij bij het aangaan van de huurovereenkomst gebruik hebben gemaakt van een vervalste verhuurdersverklaring. Toen…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:15Gerechtshof Amsterdam, 6 januari 2026 (civiel recht)

    Geschil tussen partijen over terugbetaling van leningen, verstrekt in het kader van een inmiddels geëindigde samenwerking tussen partijen en betrokkenheid bij een lastercampagne. Deels vernietiging…

80 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.