Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:212 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Voor zover de aan een vruchtgebruik onderworpen goederen bestemd zijn om vervreemd te worden, is de vruchtgebruiker tot vervreemding overeenkomstig hun bestemming bevoegd.

  2. 2

    Bij de vestiging van het vruchtgebruik kan aan de vruchtgebruiker de bevoegdheid worden gegeven ook over andere dan de in het vorige lid genoemde goederen te beschikken. Ten aanzien van deze goederen vinden de artikelen 208, 210 lid 2 en 217 lid 2, en 3, tweede zin, en lid 4, geen toepassing.

  3. 3

    In andere gevallen mag een vruchtgebruiker slechts vervreemden of bezwaren met toestemming van de hoofdgerechtigde of machtiging van de kantonrechter. De machtiging wordt alleen gegeven, wanneer het belang van de vruchtgebruiker of de hoofdgerechtigde door de vervreemding of bezwaring wordt gediend en het belang van de ander daardoor niet wordt geschaad.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2003:AF7426Parket bij de Hoge Raad, 20 juni 2003 (civiel recht)

    20 juni 2003 Eerste Kamer Nr. C02/064HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De vader], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. M.E.M.G. Peletier…

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:2400Gerechtshof Amsterdam, 9 september 2025 (personen- en familierecht)

    Erfrecht. Tweetrapsmaking (fideï-commis de residuo). Nagelaten landgoed is ingebracht in een B.V. Zijn de (certificaten van aandelen) in de B.V. krachtens zaaksvervanging tot het tweetrapsvermogen…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:1216Rechtbank Rotterdam, 22 januari 2025 (personen- en familierecht)

    Discussie over de uitleg van testamentaire bepalingen. Rechtbank bepaalt concreet bedrag waarmee vruchtgebruikster mag interen op vruchtgebruikvermogen.

  • ECLI:NL:RBLIM:2024:10098Rechtbank Limburg, 4 december 2024 (civiel recht)

    Erfrecht. Schuldoverneming. Langstlevende heeft na overlijden echtgenoot het vruchtgebruik van de woning, waarbij zij de hypotheeklasten moet dragen. Zij wil de bestaande hypothecaire geldlening…

  • ECLI:NL:RBAMS:2024:3944Rechtbank Amsterdam, 3 juli 2024 (goederenrecht)

    Vruchtgebruik. Zaaksvervanging. Artikel 3:212 lid 2 BW, artikel 3:213 lid 1 BW. In deze verstekprocedure staat een recht van vruchtgebruik centraal dat is gevestigd op de verkoopopbrengst van een…

  • ECLI:NL:GHSHE:2022:4102Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 29 november 2022 (civiel recht)

    Erfrecht. Vaststelling omvang en waarde nalatenschap. Testamentair vruchtgebruik woning ten behoeve van samenwoner. Artikel 3:212 leden 1 en 3 BW.

  • ECLI:NL:RBNHO:2022:11855Rechtbank Noord-Holland, 9 november 2022 (civiel recht)

    Executiegeschil in bodemprocedure. Beslag onder notaris. Recht van opstal. Vraag over geldigheid hypotheek tussen ouders en kinderen.

  • ECLI:NL:GHAMS:2020:244Gerechtshof Amsterdam, 4 februari 2020 (civiel recht)

    Klacht tegen twee notarissen. Notaris had niet mee mogen werken aan de levering van een huis. Klacht ongegrond. Verschil van inzicht over toepassing van het recht is op zichzelf geen tuchtrechtelijk…

14 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.