Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:119 BW

Vermoeden dat bezitter rechthebbende is redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    De bezitter van een goed wordt vermoed rechthebbende te zijn.

  2. 2

    Ten aanzien van registergoederen wijkt dit vermoeden, wanneer komt vast te staan dat de wederpartij of diens rechtsvoorganger te eniger tijd rechthebbende was en dat de bezitter zich niet kan beroepen op verkrijging nadien onder bijzondere titel waarvoor inschrijving in de registers vereist is.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:285Parket bij de Hoge Raad, 20 maart 2026 (verbintenissenrecht)

    Goederenrecht. Verbintenissenrecht. Erfgrenskwestie. Uitleg van koop en levering. Betekenis kadastrale aanduiding in dit verband.

  • ECLI:NL:PHR:2025:644Parket bij de Hoge Raad, 6 juni 2025 (civiel recht)

    Vermogensrecht. Bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW). Eigendom steiger in openbaar vaarwater; bezit verkregen door inbezitneming (art. 3:113 lid 2 BW)?; interversie van houderschap (art. 3:111 BW)?…

  • ECLI:NL:PHR:2024:584Parket bij de Hoge Raad, 31 mei 2024 (personen- en familierecht)

    Uitleg huwelijkse voorwaarden en toepassing finaal verrekenbeding alsof partijen gehuwd waren in wettelijke gemeenschap van goederen (‘alsof-beding’). Zijn opbrengsten van onroerend goed dat van…

  • ECLI:NL:PHR:2024:369Parket bij de Hoge Raad, 5 april 2024 (internationaal privaatrecht)

    Internationaal privaatrecht. EU-mededingingsrecht. Luchtvaartkartel. Follow-on vorderingen. Kwalificatie ‘enkelvoudige en voortdurende inbreuk’ in zin art. 101 VWEU; één vordering van gelaedeerde per…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:9315Rechtbank Limburg, 3 september 2026 (goederenrecht)

    Afgifte hond, eerder oordeel kort geding nog van toepassing, artt. 3:109 jo 3:125 BW, oordeel met inachtneming wettelijke vermoedens, geen nader onderzoek of bewijslevering in kort geding. Toewijzen…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:7899Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 augustus 2026 (personen- en familierecht)

    Tweede tussenvonnis in procedure waarin naast ex-samenwoners ook hun persoonlijke holdings als procespartijen zijn betrokken. Onderlinge draagplicht voor schulden, anders dan de hypotheekschuld…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:4746Rechtbank Overijssel, 4 augustus 2026 (civiel recht)

    Deze zaak gaan in de kern over de vraag wie de eigenaar is van een Porsche. De voorzieningenrechter is van oordeel dat partijen na het sluiten van een koopovereenkomst hebben voldaan aan alle…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:4549Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 14 juli 2026 (civiel recht)

    Erfrecht. Omvang nalatenschap/legitimaire massa. Geschil ziet op onrechtmatige onttrekkingen, een auto en een woning. Het hof bekrachtigt het oordeel van de rechtbank.

316 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.