Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:255 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Bestaat het pand uit geld dan is de pandhouder, zodra zijn vordering opeisbaar is geworden, zonder voorafgaande aanzegging bevoegd zich uit het pand te voldoen overeenkomstig artikel 253. Hij is daartoe verplicht, indien de pandgever zulks vordert en deze bevoegd is de vordering in de verpande valuta te voldoen.

  2. 2

    Artikel 252 vindt overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2021:524Hoge Raad, 9 april 2021 (civiel recht)

    Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW (hypotheekrecht)? Strekt de inningsbevoegdheid van de pandhouder zich uit over alle…

  • ECLI:NL:PHR:2020:884Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2020 (civiel recht)

    Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW (hypotheekrecht)? Strekt de inningsbevoegdheid van de pandhouder zich uit over alle…

  • ECLI:NL:PHR:2017:664Parket bij de Hoge Raad, 30 juni 2017 (insolventierecht)

    Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht; goederenrecht. Pandhouder vraagt faillissement panddebiteur aan. Is pandrecht tenietgegaan omdat de vordering waarvoor het pandrecht is gevestigd niet meer bestaat?

  • ECLI:NL:PHR:2014:1809Parket bij de Hoge Raad, 26 september 2014 (civiel recht)

    Overeenkomstenrecht. Nietigheid wegens strijd met goede zeden (art. 3:40 lid 1 BW). Overeenkomst strekt tot benadeling schuldeisers. Voor nietigheid vereist dat schuldeisers daadwerkelijk worden…

  • ECLI:NL:RBOVE:2022:3628Rechtbank Overijssel, 23 november 2022 (insolventierecht)

    In deze zaak is de vraag aan de orde of ING aansprakelijk is tegenover de boedel in het faillissement van X Vastgoed B.V. . Volgens de curator heeft ING haar vordering op X uit hoofde van verstrekte…

  • ECLI:NL:GHDHA:2020:1923Gerechtshof Den Haag, 14 april 2020 (civiel recht)

    bewijs eigendom contant geld, bewaarnemingsovereenkomst? profiteren van wanprestatie?

  • ECLI:NL:GHSHE:2019:1061Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19 maart 2019 (civiel recht)

    Het na openbaarmaking innen van een stil verpande vordering is niet hetzelfde als een executie van dat pandrecht. Pandhouder met ouder recht behoudt voorrang op het geïnde.

  • ECLI:NL:GHSHE:2015:4345Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 27 oktober 2015 (civiel recht)

    Arrest na verwijzing arrest Hoge Raad van 19 december 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3650). Nietigheid geldlening wegens strijd met goede zeden op grond van artikel 3:40 lid 1 BW. Artikel 6:2 lid 2 BW.

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.