Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:231 BW

Zekerheid voor bestaande en toekomstige vorderingen redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Een recht van pand of hypotheek kan zowel voor een bestaande als voor een toekomstige vordering worden gevestigd. De vordering kan op naam, aan order of aan toonder luiden. Zij kan zowel een vordering op de pand- of hypotheekgever zelf als een vordering op een ander zijn.

  2. 2

    De vordering waarvoor pand of hypotheek wordt gegeven, moet voldoende bepaalbaar zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:262Parket bij de Hoge Raad, 17 maart 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Medeplegen doen van valse opgave in authentieke akte (art. 227 Sr) en medeplegen witwassen (art. 420bis Sr). Verdachte heeft een bedrag van € 700.000 met een criminele herkomst…

  • ECLI:NL:PHR:2023:176Parket bij de Hoge Raad, 10 februari 2023 (insolventierecht)

    Surseance van betaling; verrekening; maatstaf ontbreken goede trouw (art. 54/235 Fw); gezichtspunten; cash pooling; overboekingen zonder toestemming bewindvoerder (art. 228 Fw); contractuele…

  • ECLI:NL:PHR:2020:884Parket bij de Hoge Raad, 2 oktober 2020 (civiel recht)

    Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW (hypotheekrecht)? Strekt de inningsbevoegdheid van de pandhouder zich uit over alle…

  • ECLI:NL:PHR:2018:55Parket bij de Hoge Raad, 26 januari 2018 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Reikwijdte (derden)pandrecht: ook gevestigd voor toekomstige vorderingen van pandhouder op schuldenaar? Uitleg pandrecht aan de hand van Haviltexmaatstaf.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:2646Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 28 april 2026 (civiel recht)

    Artikelen 3:231 en 260 BW. Strekt een ‘bankhypotheek’ ook tot zekerheid voor een later aan de hypotheekhouder overgedragen vordering en welke maatstaf moet worden aangelegd bij de uitleg van de…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:2603Rechtbank Gelderland, 1 april 2026 (verbintenissenrecht)

    Aansprakelijkheid notaris. Beroepsfouten bij (de afwikkeling van) een executieveiling? Onrechtmatig of onzorgvuldig van de notaris komt niet vast te staan. Vordering tot schadevergoeding afgewezen.

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:4188Rechtbank Gelderland, 28 mei 2025 (civiel recht)

    Doorhaling bankhypotheek. Uitleg hypotheekakte objectieve maatstaf. Toekomstige vordering. Hypotheek is niet tenietgegaan door beëindiging samenwerking. Weigering om medewerking te verlenen aan…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:1853Rechtbank Midden-Nederland, 16 april 2025 (civiel recht)

    Toekomstige vordering van hypotheekhouder valt onder het hypotheekrecht (art. 3:231 lid 2 BW jo. art. 3:260 lid 1 BW). Hypotheeknemer moet de kosten voor de opgestarte executie betalen (art. 3:270…

46 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.