Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:205 BW

Beschrijving van de goederen bij aanvang redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Tenzij een bewind reeds tot een voldoende boedelbeschrijving heeft geleid of daartoe verplicht, moet de vruchtgebruiker in tegenwoordigheid of na behoorlijke oproeping van de hoofdgerechtigde een notariële beschrijving van de goederen opmaken. De beschrijving kan ondershands worden opgemaakt, indien de hoofdgerechtigde tegenwoordig is en hoofdgerechtigde en vruchtgebruiker een regeling hebben getroffen omtrent haar bewaring.

  2. 2

    Zowel de vruchtgebruiker als de hoofdgerechtigde hebben het recht om in de beschrijving alle bijzonderheden te doen opnemen, die dienstig zijn om de toestand waarin de aan het vruchtgebruik onderworpen zaken zich bevinden, te doen kennen.

  3. 3

    De hoofdgerechtigde is bevoegd de levering en afgifte van de aan het vruchtgebruik onderworpen goederen op te schorten, indien de vruchtgebruiker niet terzelfder tijd zijn verplichting tot beschrijving nakomt.

  4. 4

    De vruchtgebruiker moet jaarlijks aan de hoofdgerechtigde een ondertekende nauwkeurige opgave zenden van de goederen die niet meer aanwezig zijn, van de goederen die daarvoor in de plaats zijn gekomen, en van de voordelen die de goederen hebben opgeleverd en die geen vruchten zijn.

  5. 5

    De vruchtgebruiker kan van de verplichtingen die ingevolge de voorgaande leden op hem rusten, niet worden vrijgesteld.

  6. 6

    Tenzij anders is bepaald, komen de kosten van de beschrijving en van de in lid 4, bedoelde jaarlijkse opgave ten laste van de vruchtgebruiker.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:260Parket bij de Hoge Raad, 18 maart 2022 (civiel recht)

    Vruchtgebruik op vorderingen tot betaling van huurpenningen; rechtsgeldigheid; gesloten stelsel van goederenrecht; vruchtgebruikobject en vruchten; inningsbevoegdheid; zaaksvervanging; misbruik van…

  • ECLI:NL:PHR:2015:1922Parket bij de Hoge Raad, 11 september 2015 (civiel recht)

    Erfrecht. Art. 4:4 lid 1 BW, art. 4:921 lid 2 (oud) BW. Rechtsgeldigheid bepaling in testament dat erfdeel wordt beperkt indien erfgenaam zich tegen testament of uitvoering daarvan verzet (“cautio…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:2391Rechtbank Gelderland, 25 maart 2026 (verbintenissenrecht)

    erfrecht, tweetrapsmaking, vonnis in incident over door de bezwaarde aan verwachters te verstrekken informatie

  • ECLI:NL:RBLIM:2025:13201Rechtbank Limburg, 10 december 2025 (civiel recht)

    Civiel recht. Bodemzaak. Eindvonnis. Erfrecht. Overige erfrecht.

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:2400Gerechtshof Amsterdam, 9 september 2025 (personen- en familierecht)

    Erfrecht. Tweetrapsmaking (fideï-commis de residuo). Nagelaten landgoed is ingebracht in een B.V. Zijn de (certificaten van aandelen) in de B.V. krachtens zaaksvervanging tot het tweetrapsvermogen…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:4690Rechtbank Midden-Nederland, 18 augustus 2025 (personen- en familierecht)

    Erfrecht. Tweetrapsmaking in combinatie met executele. Opgave en afgifte van bezwaard vermogen en administratie die daarmee samenhangt.

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:444Rechtbank Gelderland, 22 januari 2025 (civiel recht)

    erfrecht, tweetrapsmaking

  • ECLI:NL:RBZWB:2024:7815Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 30 oktober 2024 (civiel recht)

    erfrecht; bezwaard vermogen; jaarlijkse opgave

27 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.