Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:228 BW

Geldt sinds 1 januari 2002

Op alle goederen die voor overdracht vatbaar zijn, kan een recht van pand hetzij van hypotheek worden gevestigd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:674Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2026 (civiel recht)

    Agrarische erfpacht. Fosfaatrechten. Heeft de erfverpachter een aanspraak ter zake van aan de erfpachter toegekende fosfaatrechten volgens dezelfde uitgangspunten als die in het geval van pacht…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1042Parket bij de Hoge Raad, 26 september 2025 (civiel recht)

    Vermogensrecht. Art. 3:83 BW. Zijn vorderingen uit hoofde van de NOW- en TVL-regeling (coronasteun) overdraagbaar en daarmee verpandbaar? Sprongcassatie. Rb. beantwoordt deze vraag bevestigend.…

  • ECLI:NL:HR:2022:984Hoge Raad, 1 juli 2022 (civiel recht)

    Goederenrecht. Leidt een contractueel onoverdraagbaarheidsbeding met goederenrechtelijke werking als bedoeld in art. 3:83 lid 2 BW steeds ook tot onverpandbaarheid? (art. 3:81 lid 1 BW; art. 3:228…

  • ECLI:NL:PHR:2021:1192Parket bij de Hoge Raad, 17 december 2021 (goederenrecht)

    Coöperatie; verpanding van aanspraken lid uit hoofde van ledenlening en participatierekening; bestaande of toekomstige vorderingen?; leidt goederenrechtelijke onoverdraagbaarheid ex art. 3:83 lid 2…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8750Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 februari 2026 (civiel recht)

    Tussenvonnis. Omvang van de rechten van de pandhouder op vermogensbestanddelen van failliet, voor en na datum faillissement. Pandrechten op NOW en TVL gelden?

  • ECLI:NL:RBLIM:2025:13236Rechtbank Limburg, 24 december 2025 (civiel recht)

    Contractueel verpandingsverbod heeft in dit geval geen goederenrechtelijke werking. Alleen de eerste pandhouder is inningsbevoegd. Een vordering als gevolg van de ontbinding van de overeenkomst…

  • ECLI:NL:RBOBR:2025:5897Rechtbank Oost-Brabant, 17 september 2025 (civiel recht)

    Onoverdraagbaarheidsbeding met goederenrechtelijke werking. Vordering is niet verpand. Stelplicht ten aanzien van toestemming door debiteur van de vordering.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:2169Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 april 2025 (goederenrecht)

    Pandrechten. Is de bestendige handelsrelatie een rechtsverhouding als bedoeld in artikel 3:239 lid 1 BW waaruit vorderingen rechtstreeks worden verkregen? Pandrecht op handelsnaam en klantcontracten?

34 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.