Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:267 BW

Beheersbeding bij hypotheek redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    In de hypotheekakte kan worden bedongen dat de hypotheekhouder bevoegd is om het verhypothekeerde goed in beheer te nemen, indien de hypotheekgever in zijn verplichtingen jegens hem in ernstige mate te kort schiet en de voorzieningenrechter van de rechtbank hem machtiging verleent.

  2. 2

    Eveneens kan in de hypotheekakte worden bedongen dat de hypotheekhouder bevoegd is de aan de hypotheek onderworpen zaak onder zich te nemen, indien zulks met het oog op de executie vereist is en de voorzieningenrechter hem machtiging verleent.

  3. 3

    Zo de voorzieningenrechter de machtiging tot onder zich nemen verleent, veroordeelt hij tevens de hypotheekgever en de zijnen tot ontruiming.

  4. 4

    De bevoegdheden kunnen tegen eenieder die zich in de zaak bevindt, met uitzondering van de huurder bedoeld in artikel 264 leden 4 en 8, worden ingeroepen.

  5. 5

    Zonder uitdrukkelijke bedingen mist de hypotheekhouder de in de vorige leden genoemde bevoegdheden.

  6. 6

    De machtiging, bedoeld in de vorige leden, kan behalve door een advocaat ook door een notaris worden verzocht.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2019:1345Parket bij de Hoge Raad, 13 december 2019 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Pandrecht op aandelen, stemrecht overgegaan op pandhouder (art. 2:198 lid 3 BW). Vordering dat stemrecht weer op aandeelhouder overgaat (art. 2:342 BW); heeft…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BZ6532Parket bij de Hoge Raad, 29 maart 2013 (civiel recht)

    Onteigeningswet; art. 3, 43 Ow. Cassatieberoep tegen door de rechtbank vastgestelde schadeloosstelling ingesteld door de in het onteigeningsgeding tussengekomen hypotheekhouder. Belang bij het…

  • ECLI:NL:PHR:2011:BU4217Parket bij de Hoge Raad, 9 december 2011 (civiel recht)

    Art. 81 RO. Verzoek hypotheekhouder tot verlenen machtiging op de voet van art. 3:267 BW.

  • ECLI:NL:PHR:2011:BQ4171Parket bij de Hoge Raad, 24 juni 2011 (civiel recht)

    Art. 81 RO. Huurrecht. Recht op gebruik van woonruimte aan te merken als huurrecht?

  • ECLI:NL:RBMNE:2026:6564Rechtbank Midden-Nederland, 14 september 2026 (civiel recht)

    executiegeschil, geen juridische misslag, geen nieuwe feiten en omstandigheden die leiden tot misbruik van recht of een noodtoestand

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10985Rechtbank Rotterdam, 2 september 2026 (goederenrecht)

    Verzoek inroepen huurbeding (art. 3:264 BW) en beheersbeding (art. 3:267 BW). Is verzoeker rechtsopvolger door splitsing (art. 2:334a e.v. BW) van de bank die de hypothecaire lening heeft verstrekt?…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:10890Rechtbank Rotterdam, 25 augustus 2026 (civiel recht)

    Kort geding. Executiegeschil. Toewijzing. De woning waar eiseres in woont, is executoriaal verkocht aan gedaagde. Gedaagde wil eiseres uit de woning laten ontruimen. Artikel 525 lid 3 Rv. Naar het…

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:4729Rechtbank Overijssel, 7 juli 2026 (civiel recht)

    Verzoek tot inroepen huurbeding, beheersbeding en ontruimingsbeding

66 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.