Burgerlijk Wetboek Boek 3

BW

Huidige tekst

Artikel 3:307 BW

Verjaring van een vordering tot nakoming redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst tot een geven of een doen verjaart door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden.

  2. 2

    In geval van een verbintenis tot nakoming na onbepaalde tijd loopt de in lid 1 bedoelde termijn pas van de aanvang van de dag, volgende op die waartegen de schuldeiser heeft medegedeeld tot opeising over te gaan, en verjaart de in lid 1 bedoelde rechtsvordering in elk geval door verloop van twintig jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waartegen de opeising, zonodig na opzegging door de schuldeiser, op zijn vroegst mogelijk was.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:654Parket bij de Hoge Raad, 26 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Relatievermogensrecht. Informeel samenlevenden, financiële afwikkeling na beëindiging van affectieve relatie. Regresvordering van man op vrouw; verrekening (art. 6:131 lid 1 BW), verjaring (art.…

  • ECLI:NL:HR:2026:231Hoge Raad, 13 februari 2026 (verbintenissenrecht)

    Vermogensrecht. Verjaring. Vordering uit hypothecaire geldlening. Hypotheekrecht uitgewonnen. Stuiting door maandelijkse inning executoriaal loonbeslag? Daad van rechtsvervolging. Art. 3:307 BW. Art.…

  • ECLI:NL:PHR:2026:78Parket bij de Hoge Raad, 16 januari 2026 (civiel recht)

    Agrarische erfpacht. Aanspraak van de erfverpachter met betrekking tot fosfaatrechten? In welke zin moet de regel van aanvullend recht met betrekking tot pacht en fosfaatrechten worden opgevat?…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1397Parket bij de Hoge Raad, 19 december 2025 (burgerlijk procesrecht)

    Huurrecht. Ontruiming. Curaçaose zaak. Een van ongeveer 2.500 gevallen van opgelopen huurachterstanden. Heeft hof in poging om een regeling te treffen die voor alle gevallen geldt voorbijgezien aan…

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:10645Rechtbank Limburg, 14 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Primair: overeenkomst van bewaarneming met betrekking tot contant geld. Artikel 7:600 BW. Niet voldaan aan stelplicht. Artikel 150 Rv. Subsidiaire grondslagen slagen ook niet. Afwijzing vordering.

  • ECLI:NL:RBLIM:2026:11055Rechtbank Limburg, 14 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Verzet. Kredietovereenkomst. Rechtsgeldige cessie. Geen verjaring van de hoofdsom. Gedaagde partij is kredietovereenkomst aangegaan. Geen handtekeningenonderzoek. Rentevordering deels verjaard.…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:29748Rechtbank Den Haag, 7 oktober 2026 (verbintenissenrecht)

    Vordering tot betaling achtergestelde lening. Vanaf verzuim wettelijke rente verschuldigd, voor zover deze hoger is dan de contractuele rente van 5% per jaar. Vordering tegen bestuurder o.gv.…

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:6990Rechtbank Oost-Brabant, 1 oktober 2026 (civiel recht)

    Eisers hebben gedurende meerdere jaren een vaste standplaats op een recreatieterrein gehuurd. In deze zaak is de vraag aan de orde of de 95 eisers op grond van de toepasselijke algemene voorwaarden…

1.173 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.