Burgerlijk Wetboek Boek 1

BW

Huidige tekst

Artikel 1:377c BW

Informatie van derden aan de ouder zonder gezag redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 mei 2007

  1. 1

    Onverminderd het bepaalde in artikel 377b van dit boek wordt de niet met het gezag belaste ouder desgevraagd door derden die beroepshalve beschikken over informatie inzake belangrijke feiten en omstandigheden die de persoon van het kind of diens verzorging en opvoeding betreffen, daarvan op de hoogte gesteld, tenzij die derde de informatie niet op gelijke wijze zou verschaffen aan degene die met het gezag over het kind is belast dan wel bij wie het kind zijn gewone verblijfplaats heeft, of het belang van het kind zich tegen het verschaffen van informatie verzet.

  2. 2

    Indien de informatie is geweigerd, kan de rechter op verzoek van de in het eerste lid van dit artikel bedoelde ouder bepalen dat de informatie op de door hem aan te geven wijze moet worden verstrekt. De rechter wijst het verzoek in ieder geval af, indien het belang van het kind zich tegen het verschaffen van de informatie verzet.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:43Parket bij de Hoge Raad, 23 januari 2026 (personen- en familierecht)

    Familierecht. Ouderlijk gezag (art. 1:253c BW). Toekenning van gezag om te voorkomen dat de vader geheel uit het leven van de minderjarige wordt geweerd.

  • ECLI:NL:HR:2025:1948Hoge Raad, 19 december 2025 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft…

  • ECLI:NL:PHR:2025:825Parket bij de Hoge Raad, 25 juli 2025 (civiel recht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Jeugdrecht. Plaatsing in een pleeggezin mogelijk als pleegzorgaanbieder niet achter de plaatsing staat? Formele pleegzorg (art. 5.1 Jeugdwet) en informele…

  • ECLI:NL:PHR:2023:1034Parket bij de Hoge Raad, 17 november 2023 (personen- en familierecht)

    Valt een beslissing ex art. 1:265d BW onder het rechtsmiddelenverbod van art. 807 Rv? Gezagsbeëindiging ex art. 1:266 BW en het maken van een ‘echte’ belangenafweging op grond van art. 8 lid 2 EVRM

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2214Gerechtshof Amsterdam, 11 augustus 2026 (civiel recht)

    Raadsonderzoek gelast naar zorgregeling in verband met recente (verhuis)ontwikkelingen. Het hof laat de beslissing van de rechtbank over de kinderalimentatie in stand. Ook in hoger beroep heeft de…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1651Gerechtshof Amsterdam, 23 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank. Het vaststellen van een omgangsregeling tussen de vader en de minderjarige is op dit moment niet in het belang van de minderjarige, vanwege haar…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1590Gerechtshof Amsterdam, 9 juni 2026 (personen- en familierecht)

    afwijzing verzoek gezamenlijk gezag (artikel 1:253c lid 2 BW) en vaststelling omgangsregeling.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:17852Rechtbank Den Haag, 1 juni 2026 (personen- en familierecht)

    Verzoek gezamenlijk gezag afgewezen. |Uitbreiding omgangsregeling onder regie van de gecertificeerde instelling.

157 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.