Burgerlijk Wetboek Boek 1

BW

Huidige tekst

Artikel 1:299a BW

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Degene die met instemming van de voogd een minderjarige in zijn gezin - anders dan uit hoofde van een ondertoezichtstelling of een plaatsing onder voorlopige voogdij - ten minste een jaar heeft verzorgd en opgevoed, kan de kinderrechter verzoeken hem, dan wel een rechtspersoon als bedoeld in artikel 302 van dit boek, tot voogd te benoemen.

  2. 2

    Indien de minderjarige door meer dan een persoon als behorende tot het gezin wordt verzorgd en opgevoed, kan het verzoek slechts door dezen gemeenschappelijk worden gedaan.

  3. 3

    Het verzoek kan ook worden gedaan door de raad voor de kinderbescherming.

  4. 4

    De kinderrechter willigt het verzoek slechts in, indien hij dit in het belang van de minderjarige acht en hem genoegzaam is gebleken, dat de voogd niet bereid is zich van zijn bediening te doen ontslaan. Alsdan benoemt hij bij voorkeur degene wiens benoeming wordt verzocht tot voogd, mits deze bevoegd is tot uitoefening van de voogdij.

  5. 5

    Is het bij het eerste lid bedoelde verzoek gedaan, dan blijft het tweede lid van artikel 336 a, van dit boek buiten toepassing, totdat op het verzoek bij gewijsde is beslist.

  6. 6

    In geval van gezamenlijke uitoefening van de voogdij wordt de in het eerste lid bedoelde instemming door beide voogden gegeven.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:973Parket bij de Hoge Raad, 20 september 2024 (personen- en familierecht)

    Voogdijzaak. Vervangende toestemming voor het wijzigen van de verblijfplaats van de minderjarigen (art. 1:336a lid 2 BW). Uitleg van het rechtsmiddelenverbod van art. 807, aanhef en onder c Rv.

  • ECLI:NL:PHR:2018:162Parket bij de Hoge Raad, 2 maart 2018 (personen- en familierecht)

    Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Processuele positie van de niet met ouderlijk gezag beklede ouder. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv.…

  • ECLI:NL:PHR:2018:113Parket bij de Hoge Raad, 2 februari 2018 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk…

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA8447Parket bij de Hoge Raad, 30 november 2007 (civiel recht)

    Onrechtmatige overheidsdaad. Justitiële kinderbeschermingsmaatregel; onderhoudsplicht Staat jegens minderjarig kind; kostenvergoeding aan pleegouder die voogdij van de voogdij-instelling heeft…

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:4908Rechtbank Noord-Nederland, 21 november 2025 (personen- en familierecht)

    Vervolg op ECLI:NL:RBNNE:2025:3601. De vader is hersteld in zijn gezag. Het verzoek tot ondertoezichtstelling is afgewezen.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:6940Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 oktober 2025 (personen- en familierecht)

    verzoek wijziging verblijfplaats (1:336a BW) + verzoek overdracht voogdij (1:299a)

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:3601Rechtbank Noord-Nederland, 15 augustus 2025 (personen- en familierecht)

    Beschikking over de informele rechtsingang. De kinderen, die onder voogdij staan en bij pleegouders wonen, willen bij hun vader wonen. Op grond van internationale wetgeving wordt een ordemaatregel…

  • ECLI:NL:GHSHE:2025:1734Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19 juni 2025 (personen- en familierecht)

    Artikel 1:336a BW. Toestemming wijziging verblijf. Artikel 807 Rv. Appelverbod. Verwijzing naar de uitspraak van de HR van 20 december 2024: ECLI:NL:HR:2024:1895. Hof anticipeert niet op Wetsvoorstel…

26 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.