Burgerlijk Wetboek Boek 1

BW

Huidige tekst

Artikel 1:242a BW

Geldt sinds 1 januari 2018

Indien de ene ouder wordt verdacht van het doden van de andere ouder, of indien de ene ouder is veroordeeld wegens het doden van de andere ouder, stelt de raad voor de kinderbescherming een onderzoek in naar de wenselijkheid van een contact- of omgangsregeling van het kind met de ouder die wordt verdacht van of is veroordeeld wegens het doden van de andere ouder, zodra hij van de verdenking of veroordeling in kennis is gesteld. Op basis van dit onderzoek verzoekt de raad voor de kinderbescherming de kinderrechter om een contact- of omgangsregeling vast te stellen of om het contact of de omgang te ontzeggen. Een verzoek om het contact of de omgang te ontzeggen vermeldt tevens de duur van de verzochte ontzegging.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2958Gerechtshof Amsterdam, 20 oktober 2026 (personen- en familierecht)

    Voorlopige voogdij. Moeder is overleden en vader is gedetineerd. Zijn grootouders en/of tante moederszijde belanghebbende in deze procedure? Artikel: 798 lid 1 Rv, 1:241 lid 2 BW, 6 en 8 EVRM, 3 en…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:3885Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 8 april 2026 (personen- en familierecht)

    Afwijzing verzoek van vader tot omgang met minderjarig kind na partnerdoding. Ontzegging recht op omgang. Regie herstel omgang bij GI én alleen als de minderjarige dat wil.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:9020Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 december 2025 (personen- en familierecht)

    Verzoek vaststelling omgangsregeling ex artikel 1:242a BW - betrokkenen zijn akkoord met het advies van de bijzondere curator: geen omgangsregeling vastleggen tussen de moeder en de minderjarige en…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:11171Rechtbank Rotterdam, 14 augustus 2025 (personen- en familierecht)

    De benoeming van een bijzondere curator op grond van artikel 1:250 lid 2 BW en het horen van partijen over de spoedbeslissing waarbij de GI met de voorlopige voogdij is belast.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:1927Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 25 maart 2025 (personen- en familierecht)

    Verdenking vader van doding moeder. Afwijzing van het verzoek van de vader tot gezag. De rechtbank concludeert dat de vader niet in staat is gebleken de minderjarige een veilige, stabiele en gezonde…

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:1488Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 11 maart 2025 (personen- en familierecht)

    Beschikking meervoudige kamer: gezagsbeëindiging na doodslag op andere ouder - aan beide gronden van artikel 1:266 BW wordt voldaan - benoeming bijzondere curator na verzoek van de Raad om een…

  • ECLI:NL:RBROT:2024:13214Rechtbank Rotterdam, 5 december 2024 (civiel recht)

    Beschikking meervoudige kamer.

  • ECLI:NL:RBOBR:2024:4512Rechtbank Oost-Brabant, 20 september 2024 (personen- en familierecht)

    Ontzegging recht op omgang vader met zijn vier kinderen voor de duur van 2 jaar (artikel 1:242a BW). Vader verdacht van ombrengen moeder. Sprake van ontzeggingsgronden (artikel 1:377a lid 3 BW). Geen…

19 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.