Burgerlijk Wetboek Boek 1

BW

Huidige tekst

Artikel 1:253 BW

Geldt sinds 1 januari 2015

  1. 1

    Indien gewezen echtgenoten met elkaar hertrouwen dan wel een geregistreerd partnerschap aangegaan en onmiddellijk daaraan voorafgaande één der echtgenoten het gezag over de minderjarige kinderen uitoefende, herleeft van rechtswege het gezamenlijk gezag, tenzij een der echtgenoten onbevoegd is tot dit gezag of dat gezag is beëindigd dan wel het gezag gezamenlijk met een ander dan de ouder uitoefent.

  2. 2

    De echtgenoot voor wie het gezag niet is herleefd, kan de rechtbank verzoeken hem daarmede te belasten. Dit verzoek wordt slechts afgewezen, indien gegronde vrees bestaat dat bij inwilliging de belangen van de kinderen zouden worden verwaarloosd.

  3. 3

    Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing, indien door verzoening van de echtgenoten een scheiding van tafel en bed eindigt.

  4. 4

    Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing indien gewezen geregistreerde partners die gezamenlijk gezag uitoefenden over het kind, opnieuw met elkaar een geregistreerd partnerschap aangaan dan wel met elkaar huwen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:113Parket bij de Hoge Raad, 2 februari 2018 (personen- en familierecht)

    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk…

  • ECLI:NL:HR:2013:BZ0293Hoge Raad, 26 april 2013 (civiel recht)

    Verzoek moeder tot vervangende toestemming voor verhuizing met kinderen naar België, art. 1:253a BW. Geen uitvoering geven aan rechterlijke uitspraak. Belangenafweging, alle omstandigheden van het…

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA0038Parket bij de Hoge Raad, 4 mei 2007 (personen- en familierecht)

    Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over einde van alimentatieplicht na hun tweede kinderloos gebleven huwelijk; duur eerste huwelijk ingevolge art. 1:166 BW meetellen bij duur…

  • ECLI:NL:PHR:2004:AO1337Parket bij de Hoge Raad, 9 april 2004 (personen- en familierecht)

    9 april 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/073HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De moeder], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. K.T.B. Salomons…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:981Gerechtshof Amsterdam, 14 april 2026 (personen- en familierecht)

    vervolg op ECLI:NL:GHAMS:2026:193. Artikel 1:253a BW; bekrachtiging hoofdverblijfplaats, hetgeen een verhuizing van de minderjarige tot gevolg heeft, en bekrachtiging zorgregeling. Artikel 812 lid 2…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:2608Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 6 maart 2026 (personen- en familierecht)

    Kort geding. Afwijzen vervangende toestemming wijziging school.

  • ECLI:NL:RBZWB:2025:3598Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 28 mei 2025 (personen- en familierecht)

    nadere beschikking betreffende gezag, hoofdverblijf, verdeling zorg- en opvoedingstaken en verlenen machtiging tot uithuisplaatsing

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:2419Gerechtshof Amsterdam, 3 oktober 2023 (personen- en familierecht)

    Verzoeken van de vader om de hoofdverblijfplaats te wijzigen en een forensisch mediator te benoemen worden afgewezen. Bekrachtiging zorgregeling met vastlegging van een feestdagenregeling.

38 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.