Wetboek van Strafrecht

Sr

Huidige tekst

Artikel 106 Sr

Geldt sinds 1 april 2002

  1. 1

    Bij veroordeling wegens het in artikel 92 omschreven misdrijf, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°-4° , vermelde rechten worden uitgesproken.

  2. 2

    Bij veroordeling wegens een der in de artikelen 93-103 omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°-3° , vermelde rechten worden uitgesproken.

  3. 3

    Bij veroordeling wegens het in artikel 105 omschreven misdrijf, kan de schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf begaan heeft en van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°-4° , vermelde rechten, en kan openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak worden gelast.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1207Parket bij de Hoge Raad, 12 november 2024 (strafrecht)

    Conclusie AG. Medeplegen van doen onjuiste aangifte omzetbelasting, meermalen gepleegd (art. 69.2 AWR) en openbaar maken onware balansen en winst- en verliesrekeningen (art. 336 Sr). 1. Bewijsklacht…

  • ECLI:NL:PHR:2020:570Parket bij de Hoge Raad, 9 juni 2020 (strafrecht)

    Conclusie AG. Drie middelen. Middel drie klaagt over de oplegging van de bijkomende straf tot ontzetting van het recht bepaalde beroepen uit te oefenen (art. 28 Sr). Besproken wordt onder meer de…

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.