Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 9.6 IB

Geldt sinds 1 januari 2024

Bijzondere regels voor ambtshalve verminderingen 1 Een ambtshalve vermindering van een belastingaanslag geschiedt uitsluitend op de voet van dit artikel. 2 In bij ministeriële regeling aan te wijzen gevallen wordt een onjuiste belastingaanslag door de inspecteur ambtshalve verminderd. 3 Niettegenstaande het bepaalde krachtens het tweede lid wordt de aanslag die op een te hoog bedrag is vastgesteld door de inspecteur ambtshalve verminderd indien een verzoek daartoe is ingediend binnen de termijn, bedoeld in artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 60 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is niet van toepassing. 4 Indien gegevens worden verstrekt nadat de aanslag is vastgesteld en die gegevensverstrekking uitsluitend op dezelfde wijze plaatsvindt als naar aanleiding van een uitnodiging tot het doen van aangifte, wordt die gegevensverstrekking aangemerkt als een verzoek om ambtshalve vermindering voor zover die gegevensverstrekking strekt tot een vermindering van de aanslag. 5 Indien de belastingplichtige een verzoek om ambtshalve vermindering heeft gedaan en dat verzoek geheel of gedeeltelijk wordt afgewezen, beslist de inspecteur dat bij een voor bezwaar vatbare beschikking. 6 Voor de toepassing van dit artikel en voor de toepassing van de wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep ten aanzien van de voor bezwaar vatbare beschikking, bedoeld in het vijfde lid, wordt een voor bezwaar vatbare beschikking waarvan het bedrag op het aanslagbiljet van de belastingaanslag is vermeld of ingevolge het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift behoort te worden vermeld geacht onderdeel uit te maken van de belastingaanslag.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:1502Hoge Raad, 18 september 2026 (belastingrecht)

    HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

  • ECLI:NL:HR:2026:1379Hoge Raad, 28 augustus 2026 (belastingrecht)

    HR: 81.1 RO

  • ECLI:NL:HR:2026:1305Hoge Raad, 17 juli 2026 (belastingrecht)

    HR: 81.1 RO

  • ECLI:NL:HR:2026:907Hoge Raad, 25 juni 2026 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting; art. 9.6 en 9.7 Wet IB 2001, art. 45aa Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001, art. 25c AWR, art. 13 EVRM, art. 1 EP EVRM; Sprongcassatie, proefprocedure…

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6018Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 september 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV. Prejudiciële vragen aan Hoge Raad over toetsingskader nieuwe jurisprudentie

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2777Gerechtshof Den Haag, 1 september 2026 (belastingrecht)

    Art. 9.6 Wet IB 2001; art. 45 AA UR IB2001. Het Brandweermanarrest (HR 25 maart 2022, ECLI:NL:HR:2022:444) is geen “nieuwe jurisprudentie” ten opzichte van het Smeerkuilarrest (HR 29 juni 1983…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:6005Rechtbank Gelderland, 22 juli 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:5233Rechtbank Gelderland, 3 juli 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV; bezwaren terecht niet-ontvankelijk verklaard. Beroepen ongegrond.

378 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.