Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 3.45 IB

Geldt sinds 1 januari 2014

Uitgesloten bedrijfsmiddelen voor investeringsaftrek 1 Voor de investeringsaftrek behoren niet tot de bedrijfsmiddelen: a.bedrijfsmiddelen die zijn bestemd om – direct of indirect – hoofdzakelijk te worden gebruikt: 1°. voor de uitoefening van het bosbedrijf als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, tenzij de voordelen daaruit volgens artikel 3.11, tweede lid, tot de winst behoren; 2°. voor het drijven van een onderneming, of een gedeelte van een onderneming, op de winst waarvan een regeling ter voorkoming van dubbele belasting van toepassing is; b.gronden, met inbegrip van de ondergrond van gebouwen, met uitzondering van verbetering van grond indien de verbeteringskosten plegen te worden afgeschreven; c.woonhuizen en woonschepen, met inbegrip van de gedeelten van andere zaken die dienen voor bewoning; d.personenauto's als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992, die niet zijn bestemd voor het beroepsvervoer over de weg; e.vaartuigen als bedoeld in artikel 3.14, eerste lid, onderdeel b; f.effecten, vorderingen, goodwill alsmede vergunningen, ontheffingen, concessies en andere dispensaties van publiekrechtelijke aard en g.dieren. 2 Voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek behoren tot de bedrijfsmiddelen mede niet: a.bedrijfsmiddelen die zijn bestemd om – direct of indirect – hoofdzakelijk ter beschikking te worden gesteld aan derden en b.bedrijfsmiddelen waarvan het investeringsbedrag minder bedraagt dan € 450. 3 Voor de milieu-investeringsaftrek is het eerste lid, onderdelen c en d, niet van toepassing. 4 Voor de energie-investeringsaftrek en de milieu-investeringsaftrek behoren tot de bedrijfsmiddelen mede niet bedrijfsmiddelen: a.die zijn bestemd om – direct of indirect – hoofdzakelijk ter beschikking te worden gesteld aan: 1°. niet in Nederland wonende natuurlijke personen of gevestigde lichamen, of 2°. natuurlijke personen of lichamen voor het drijven van een onderneming of een gedeelte van een onderneming, op de winst waarvan een regeling ter voorkoming van dubbele belasting van toepassing is, of b.waarvan het investeringsbedrag minder bedraagt dan € 2.500. 5 Onze Minister kan bepalen dat het eerste lid, onderdeel a, onder 2°, en het vierde lid, onderdeel a, niet van toepassing zijn.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2018:833Parket bij de Hoge Raad, 18 juli 2018 (belastingrecht)

    A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 18/00135. In cassatie is in geschil op welke wijze de omvang van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) in de zin van artikel 3.41 Wet…

  • ECLI:NL:PHR:2007:AZ8976Parket bij de Hoge Raad, 16 november 2007 (belastingrecht)

    Tariefindeling onroerendezaakbelastingen, oordeel Hof dat verzorgingstehuis in hoofdzaak tot woning dient, classificatie Wet WOZ en Financiële Verhoudingswet, ontbreken kookvoorziening, bestemming…

  • ECLI:NL:PHR:2007:AZ9075Parket bij de Hoge Raad, 16 november 2007 (belastingrecht)

    Tariefindeling onroerendezaakbelastingen, dient verpleeghuis in hoofdzaak tot woning?, functie, toerekening WOZ-waarde.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2129Gerechtshof Amsterdam, 30 juni 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV 2018. In geschil is of een praktijkruimte in 2018 tot het ondernemingsvermogen van belanghebbende behoort en of belanghebbende recht heeft op investeringsaftrek en willekeurige afschrijving.…

  • ECLI:NL:RBNHO:2024:13307Rechtbank Noord-Holland, 7 november 2024 (belastingrecht)

    Milieu-investeringsaftrek, artikel 3:42a Wet IB 2001. De rechtbank is van oordeel dat recreatiewoningen onder het begrip woonhuis als bedoeld in paragraaf 1, onderdeel 4 van de Milieulijst 2018…

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:2142Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 3 juli 2024 (belastingrecht)

    Wet IB 2001. Het hof bevestigt het oordeel van de rechtbank dat de gastenkamers in de B&B naar aard en inrichting geen woningen zijn en ook niet bestemd zijn om als zodanig te worden gebruikt…

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:4689Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 augustus 2022 (belastingrecht)

    kleinschaligheidsinvesteringsaftrek IB, de gastenkamers in B&B kwalificeren naar het oordeel van de rechtbank niet als woonhuis of woongedeelte ex artikel 3.45 Wet IB 2001.

  • ECLI:NL:RBZWB:2022:4690Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 augustus 2022 (belastingrecht)

    kleinschaligheidsinvesteringsaftrek IB, de gastenkamers in B&B kwalificeren naar het oordeel van de rechtbank niet als woonhuis of woongedeelte ex artikel 3.45 Wet IB 2001.

17 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.