Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 3.58 IB

Geldt sinds 1 april 2002

Staking door overlijden 1 Bij het staken van een onderneming door het overlijden van de belastingplichtige, wordt, behalve voor de toepassing van de desinvesteringsbijtelling, het vermogen van de onderneming geacht op het onmiddellijk daaraan voorafgaande tijdstip te zijn overgedragen aan degene aan wie het krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht toekomt en wel tegen de waarde die in het economische verkeer aan dat vermogen kan worden toegekend. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt de waarde in het economische verkeer van een woning die, anders dan tijdelijk, als hoofdverblijf ter beschikking blijft staan van personen die bij het overlijden van de belastingplichtige tot zijn huishouden behoren, gesteld op 60% van de woningwaarde. 3 Indien een woning als bedoeld in het tweede lid gaat behoren tot het vermogen van een onderneming van een persoon die bij het overlijden van de belastingplichtige tot zijn huishouden behoort, wordt de waarde in het economische verkeer van die woning op dat tijdstip gesteld op 60% van de woningwaarde. 4 Voor de toepassing van het tweede en derde lid is artikel 3.19, derde tot en met vijfde lid, van overeenkomstige toepassing.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2013:BX4036Parket bij de Hoge Raad, 1 februari 2013 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting; art. 3.2 Wet IB 2001. De inbreng van een reeds door de belanghebbende bewoond pand bij de aanvang van een onderneming wordt gewaardeerd naar de waarde van het pand in bewoonde…

  • ECLI:NL:PHR:2007:AX0731Parket bij de Hoge Raad, 6 april 2007 (belastingrecht)

    CONCLUSIE PG, Successierecht.

  • ECLI:NL:PHR:2007:AX0771Parket bij de Hoge Raad, 6 april 2007 (belastingrecht)

    Successiewet 1956; waarde in het economische verkeer van een door de eigenaar bewoonde woning?

  • ECLI:NL:PHR:2007:AX0774Parket bij de Hoge Raad, 6 april 2007 (belastingrecht)

    CONCLUSIE PG, Successierecht.

  • ECLI:NL:RBNNE:2020:2819Rechtbank Noord-Nederland, 18 augustus 2020 (belastingrecht)

    IB/PVV. Van vader na diens overlijden verkregen bosbouwgrond vormt voor eiser geen bosbouwonderneming. Verkoopresultaat bosbouwgrond onbelast.

  • ECLI:NL:RBZWB:2019:1835Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 19 april 2019 (belastingrecht)

    Aan de erven (hierna: belanghebbende) is een aanslag IB 2001 opgelegd waarvoor, na het doen van een schriftelijk verzoek, uitstel van betaling is verleend voor de periode van 10 jaar op grond van…

  • ECLI:NL:GHARL:2016:1018Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 9 februari 2016 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. Inbreng pand in maatschap door huisarts. Invloed duurzame zelfbewoning.

  • ECLI:NL:RBDHA:2013:8514Rechtbank Den Haag, 12 juli 2013 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. Artikelen 3.28, 3.61 en 3.62 Wet IB 2001. Eiseres is gehuwd geweest met erflater. Erflater dreef een onderneming in een pand waarin eiseres en erflater ook woonden en waarvan het…

13 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.