Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 5.17 IB

Geldt sinds 1 juli 2023

Vrijstelling nettopensioen 1 Tot de bezittingen behoren niet aanspraken ingevolge een nettopensioenregeling. 2 In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt onder een nettopensioenregeling verstaan een regeling: a.die ten doel heeft het treffen van een voorziening als bedoeld in artikel 18, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, 2°, 3° of 4°, van de Wet op de loonbelasting 1964, dan wel een daarmee naar aard en strekking overeenkomende voorziening ingevolge een regeling als bedoeld in artikel 1.7, tweede lid, onderdelen b en c; b.die voldoet aan de in artikel 18, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de loonbelasting 1964 gestelde voorwaarden; c.waarvan als verzekeraar optreedt een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen a, b, c en d, van de Wet op de loonbelasting 1964; d.die blijft binnen de in of krachtens deze afdeling vastgestelde begrenzingen. 3 Een nettopensioenregeling kan voorzien in: a.netto-ouderdomspensioen of nettopartnerpensioen bij overlijden voor pensioendatum bij overlijden op of na pensioendatum ( artikel 5.17a ); b.nettopartnerpensioen bij overlijden voor pensioendatum ( artikel 5.17b ); c.nettowezenpensioen ( artikel 5.17c ).

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:363Rechtbank Noord-Nederland, 12 februari 2026 (belastingrecht)

    De eiser in deze procedure heeft in 2010 aan zijn zoon een zogenaamde Tanta Agaath-lening verstrekt. Onder voorwaarden kan de kwijtschelding van zo'n lening voor eiser een persoonsgebonden aftrekpost…

  • ECLI:NL:RBNNE:2025:438Rechtbank Noord-Nederland, 11 februari 2025 (belastingrecht)

    Een vader verstrekt in 2010 aan zijn zoon een lening om een eigen onderneming te starten. In 2016 voert de vader in zijn aangifte inkomstenbelasting een verlies van € 24.100 op in verband met de…

  • ECLI:NL:RBMNE:2022:999Rechtbank Midden-Nederland, 9 februari 2022 (verbintenissenrecht)

    Geldleningsovereenkomst. Is de vordering opeisbaar en is de vordering een vof-schuld geworden? Hoofdelijke aansprakelijkheid.

  • ECLI:NL:GHARL:2019:8495Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 oktober 2019 (belastingrecht)

    IB/PVV. Verlies op beleggingen in durfkapitaal. Beschikking ‘Verklaring betalingsonmacht’.

  • ECLI:NL:GHARL:2017:128Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10 januari 2017 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. Persoonsgebondenaftrek. Tante Agaathleningen. Geen registratie en ontbreken beschikking. Schending vertrouwensbeginsel?

  • ECLI:NL:RBZWB:2015:6375Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 4 september 2015 (belastingrecht)

    Geen nieuw feit. Kwade trouw adviseur toe te rekenen aan belanghebbende. Belanghebbende beschikte niet over een beschikking in de zin van artikel 6.8 lid 3 Wet IB 2001 en heeft dus geen recht op…

  • ECLI:NL:RBGEL:2015:1218Rechtbank Gelderland, 26 februari 2015 (belastingrecht)

    IB/PVV. 2010. Artikel 3.91, lid 3 Wet IB 2001. Ongebruikelijke terbeschikkingstelling: Gelet op de omstandigheden van het geval en de wetsgeschiedenis kan de geldverstrekking niet als ongebruikelijke…

  • ECLI:NL:GHARL:2014:1302Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 februari 2014 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. Beleggingen in durfkapitaal. Beschikking betalingsonmacht terecht geweigerd?

24 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.