Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 3.6 IB

Geldt sinds 1 januari 2003

Begrip urencriterium 1 In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder urencriterium: het gedurende het kalenderjaar besteden van ten minste 1225 uren aan werkzaamheden voor een of meer ondernemingen waaruit de belastingplichtige als ondernemer winst geniet, indien: a.de tijd die in totaal wordt besteed aan die ondernemingen en het verrichten van werkzaamheden in de zin van de afdelingen 3.3 en 3.4, grotendeels wordt besteed aan die ondernemingen of b.de ondernemer in een of meer van de vijf voorafgaande kalenderjaren geen ondernemer was. 2 Voor de toepassing van het eerste lid, aanhef, komen niet in aanmerking werkzaamheden ten behoeve van een onderneming waaruit de belastingplichtige als ondernemer winst geniet en die deel uitmaakt van een samenwerkingsverband met een of meer met hem verbonden personen, indien: a.de door de belastingplichtige verrichte werkzaamheden ten behoeve van het samenwerkingsverband hoofdzakelijk van ondersteunende aard zijn en het ongebruikelijk is dat een dergelijk samenwerkingsverband tussen niet-verbonden personen wordt aangegaan, of b.het samenwerkingsverband verband houdt met een onderneming waaruit een met de belastingplichtige verbonden persoon als ondernemer winst geniet, maar de belastingplichtige zelf niet. 3 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder met de belastingplichtige verbonden personen verstaan: a.personen die behoren tot het huishouden van de belastingplichtige en b.bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of personen die behoren tot hun huishouden. 4 Onder een samenwerkingsverband dat verband houdt met een onderneming waaruit een met de belastingplichtige verbonden persoon als ondernemer winst geniet wordt mede verstaan een samenwerkingsverband dat verband houdt met een lichaam waarin de belastingplichtige of een met hem verbonden persoon direct of indirect een aanmerkelijk belang in de zin van afdeling 4.3 van deze wet heeft. 5 Indien de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid, worden onderbroken vanwege zwangerschap van de belastingplichtige, worden deze tijdens de periode die overeenkomt met het zwangerschaps- en bevallingsverlof zoals dat geldt voor werkneemsters, voor de bepaling van het aantal gewerkte uren geacht niet te zijn onderbroken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2017:535Hoge Raad, 31 maart 2017 (belastingrecht)

    HR: 81.1 RO.

  • ECLI:NL:PHR:2013:BZ5779Parket bij de Hoge Raad, 6 maart 2013 (belastingrecht)

    Conclusie PG: A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 12/02201. In cassatie gaat het om de vraag of Nederland, doordat belanghebbende heeft geopteerd voor behandeling als…

  • ECLI:NL:PHR:2013:BZ6237Parket bij de Hoge Raad, 6 maart 2013 (belastingrecht)

    Conclusie PG: A-G Niessen heeft conclusie genomen in de volgende zaak. Belanghebbende heeft drie maanden in Nederland gewerkt terwijl hij in Duitsland woonde en is daarna naar de Verenigde Staten…

  • ECLI:NL:PHR:2012:BX4034Parket bij de Hoge Raad, 3 juli 2012 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. Artikel 3.92, lid 1, aanhef en letter b, Wet IB 2001. Begrip samenwerkingsverband. Lening door partner in adviesorganisatie verstrekt aan de werkmaatschappij van een…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:19319Rechtbank Den Haag, 14 juli 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Herziening en terugvordering Wazo/ZEZ-uitkering startende zelfstandige; dagloon verlaagd naar € 26,73 op basis van lage opstartwinst; bruto terugvordering van € 5.545,60; wetgeving rekenkundig juist…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:664Centrale Raad van Beroep, 12 mei 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Intrekking en terugvordering van bijstand. Zelfstandige. Geen geslaagd beroep op het evenredigheidsbeginsel. Het college heeft zich bij de afweging van de belangen op het standpunt kunnen stellen dat…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:11616Rechtbank Den Haag, 24 april 2026 (belastingrecht)

    IB2020. Aanslag is tijdig opgelegd. Verweerder heeft zich in beroep op het standpunt gesteld dat moet worden uitgegaan van door eiser verstrekte gegevens van op de beginbalans 2020. De rechtbank…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:1134Gerechtshof Amsterdam, 14 april 2026 (belastingrecht)

    Geen sprake van winst uit onderneming dus geen recht op belastingfaciliteiten. Zorgvuldigheidsbeginsel niet geschonden.

287 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.