Wet inkomstenbelasting 2001

IB

Huidige tekst

Artikel 3.100 IB

Geldt sinds 1 januari 2026

Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen 1 Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen zijn: a.de aangewezen periodieke uitkeringen en verstrekkingen; b.termijnen van lijfrenten als bedoeld in artikel 3.124, eerste lid, onderdeel b, en in artikel 3.125 en andere periodieke uitkeringen en verstrekkingen als bedoeld in artikel 3.124, eerste lid, onderdeel c, en in artikel 3.126a; c.uitkeringen en verstrekkingen op grond van een buitenlandse voorziening waarvan de strekking overeenkomt met een inkomensvoorziening als bedoeld in afdeling 3.7, behoudens voorzover aannemelijk is dat met de voor die voorziening betaalde premies geen rekening is gehouden bij een heffing naar het inkomen; d.uitkeringen en verstrekkingen op grond van een pensioenregeling als bedoeld in artikel 1.7, tweede lid, onderdeel b, alsmede uitkeringen en afkoopsommen als bedoeld in artikel 3.135, zesde lid; verminderd met de daarop drukkende aftrekbare kosten, bedoeld in artikel 3.108. 2 In afwijking in zoverre van artikel 2.14 wordt de belastbaarheid van uitkeringen op grond van buitenlandse regelingen die naar aard en strekking overeenkomen met uitkeringen op grond van de Algemene Kinderbijslagwet beheerst door deze afdeling. 3 In afwijking in zoverre van het eerste lid worden niet tot de belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen gerekend termijnen van nettolijfrenten als bedoeld in afdeling 5.3A. 4 Het eerste lid, onderdeel b, is van overeenkomstige toepassing op termijnen of uitkeringen van een niet of niet langer kwalificerende lijfrente, tenzij ter zake van die lijfrente negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen in aanmerking zijn genomen. Onder een niet of een niet langer kwalificerende lijfrente wordt verstaan: een aanspraak waarvoor uitgaven voor inkomensvoorzieningen in aanmerking zijn genomen als bedoeld in artikel 3.124, eerste lid, onderdeel a, en: a.die niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden die in deze wet en de daarop berustende bepalingen aan de aftrek van uitgaven voor inkomensvoorzieningen worden gesteld; of b.waarbij zich een omstandigheid heeft voorgedaan als bedoeld in artikel 3.133, tweede of derde lid, anders dan bedoeld in onderdeel a.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1234Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 13 mei 2026 (belastingrecht)

    Belanghebbende ontvangt periodieke uitkeringen in verband met beroepsongeschiktheid. Het hof is van oordeel dat deze periodieke uitkeringen zijn aan te merken als belastbare periodieke uitkeringen…

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:4091Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 18 december 2024 (belastingrecht)

    Belanghebbende ontvangt periodieke uitkeringen in verband met beroepsongeschiktheid. Het hof is van oordeel dat deze periodieke uitkeringen zijn aan te merken als belastbare periodieke uitkeringen…

  • ECLI:NL:RBZWB:2020:6531Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17 december 2020 (belastingrecht)

    (Navorderings)aanslagen IB/PVV en Zvw 2014 t/m 2016 – art. 4.12 Wet IB 2001 – correcties i.v.m. (vermeende) winstuitdelingen (box 2) – art. 3.100, eerste lid, letter b en art. 3.146, eerste lid, Wet…

  • ECLI:NL:RBDHA:2016:8669Rechtbank Den Haag, 2 juni 2016 (belastingrecht)

    Artikelen 3.100 en 3.101 van de Wet IB 2001. De rechtbank oordeelt dat de eenmalige Bbz-uitkering die eiseres heeft ontvangen ten onrechte tot haar verzamelinkomen is gerekend. Verweerder heeft niet…

  • ECLI:NL:GHAMS:2008:BF6624Gerechtshof Amsterdam, 30 september 2008 (belastingrecht)

    Belanghebbende is gescheiden. In het echtscheidingsconvenant is opgenomen dat de ex-echtgenoot per kwartaal een bedrag X zou overmaken. De ex-echtgenoot heeft telkens eenzijdig bedragen in mindering…

  • ECLI:NL:GHARN:2006:AX7092Gerechtshof Arnhem, 16 mei 2006 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting Duits Erziehungsgeld is niet vergelijkbaar met de Nederlandse kinderbijslag en derhalve belast.

  • ECLI:NL:GHSGR:2005:AT8639Gerechtshof 's-Gravenhage, 21 juni 2005 (belastingrecht)

    Inkomstenbelasting. De door belanghebbende van de FAO ontvangen pensioenuitkeringen vormen periodieke uitkeringen en verstrekkingen in de zin van art. 3.100 tot en met 3.102 van de Wet Ib 2001 en…

  • ECLI:NL:GHAMS:2004:AR8143Gerechtshof Amsterdam, 14 december 2004 (belastingrecht)

    Met ingang van 1 januari 2001 zijn (ook) kosten ter verwerving, inning en behoud van diverse publiekrechtelijke periodieke uitkeringen, zoals in casu een Wajong-uitkering, niet meer aftrekbaar.

10 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.