Burgerlijk Wetboek Boek 2

BW

Huidige tekst

Artikel 2:393 BW

Accountantsonderzoek van de jaarrekening redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juli 2018

  1. 1

    De rechtspersoon verleent opdracht tot onderzoek van de jaarrekening aan een registeraccountant, aan een Accountant-Administratieconsulent ten aanzien van wie in het accountantsregister een aantekening is geplaatst als bedoeld in artikel 36, tweede lid, onderdeel i, van de Wet op het accountantsberoep of aan een wettelijke auditor als bedoeld in artikel 27, eerste lid, van de Wet toezicht accountantsorganisaties. De opdracht kan worden verleend aan een organisatie waarin accountants die mogen worden aangewezen, samenwerken. Indien een rechtspersoon tevens een organisatie van openbaar belang is als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van de Wet toezicht accountantsorganisaties, wordt door deze rechtspersoon aan de Stichting Autoriteit Financiële Markten medegedeeld welke accountant of accountantsorganisatie wordt beoogd voor het uitvoeren van een opdracht tot onderzoek van de jaarrekening van de rechtspersoon. Deze mededeling geschiedt voordat tot de verlening van die opdracht, bedoeld in het tweede lid, is overgegaan. Onze Minister van Financiën stelt bij ministeriele regeling nadere regels over deze mededeling.

  2. 2

    Tot het verlenen van de opdracht is de algemene vergadering bevoegd. Gaat deze daartoe niet over, of ontbreekt deze, dan is de raad van commissarissen bevoegd. Ontbreekt een raad van commissarissen, dan is het bestuur bevoegd. De aanwijzing van een accountant wordt door generlei voordracht beperkt. De opdracht kan worden ingetrokken door de algemene vergadering en door degene die haar heeft verleend. De opdracht kan enkel worden ingetrokken om gegronde redenen; daartoe behoort niet een meningsverschil over methoden van verslaggeving of controlewerkzaamheden. De algemene vergadering hoort de accountant op diens verlangen omtrent de intrekking van een hem verleende opdracht of omtrent het hem kenbaar gemaakte voornemen daartoe. Het bestuur en de accountant stellen de Stichting Autoriteit Financiële Markten onverwijld in kennis van de intrekking van de opdracht door de rechtspersoon of tussentijdse beëindiging ervan door de accountant en geven hiervoor een afdoende motivering.

  3. 3

    De accountant onderzoekt of de jaarrekening het in artikel 362 lid 1 vereiste inzicht geeft. Hij gaat voorts na, of de jaarrekening aan de bij en krachtens de wet gestelde voorschriften voldoet, of het bestuursverslag overeenkomstig deze titel is opgesteld en met de jaarrekening verenigbaar is, en of het bestuursverslag in het licht van de tijdens het onderzoek van de jaarrekening verkregen kennis en begrip omtrent de rechtspersoon en zijn omgeving, materiële onjuistheden bevat, en of de in artikel 392 lid 1, onderdelen b tot en met f, vereiste gegevens zijn toegevoegd.

  4. 4

    De accountant brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan de raad van commissarissen en aan het bestuur. Hij maakt daarbij ten minste melding van zijn bevindingen met betrekking tot de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking.

  5. 5

    De accountant geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring omtrent de getrouwheid van de jaarrekening. De accountant kan een afzonderlijke verklaring afgeven voor de enkelvoudige jaarrekening en voor de geconsolideerde jaarrekening. De accountantsverklaring omvat ten minste: a.een vermelding op welke jaarrekening het onderzoek betrekking heeft en welke wettelijke voorschriften op de jaarrekening toepasselijk zijn; b.een beschrijving van de reikwijdte van het onderzoek, waarin ten minste wordt vermeld welke richtlijnen voor de accountantscontrole in acht zijn genomen; c.een oordeel of de jaarrekening het vereiste inzicht geeft en aan de bij en krachtens de wet gestelde regels voldoet; d.een verwijzing naar bepaalde zaken waarop de accountant in het bijzonder de aandacht vestigt, zonder een verklaring als bedoeld in lid 6, onderdeel b, af te geven; e.een vermelding van de gebleken tekortkomingen naar aanleiding van het onderzoek overeenkomstig lid 3 of het bestuursverslag overeenkomstig deze titel is opgesteld en of de in artikel 392 lid 1, onder b tot en met f, vereiste gegevens zijn toegevoegd; f.een oordeel over de verenigbaarheid van het bestuursverslag met de jaarrekening; g.een oordeel of er, in het licht van de tijdens het onderzoek van de jaarrekening verkregen kennis en begrip omtrent de rechtspersoon en zijn omgeving, materiële onjuistheden in het bestuursverslag zijn gebleken onder opgave van de aard van die onjuistheden; h.een verklaring betreffende materiële onzekerheden die verband houden met gebeurtenissen of omstandigheden die gerede twijfel kunnen doen rijzen of de rechtspersoon zijn werkzaamheden voort kan zetten; i.een vermelding van de vestigingsplaats van de accountantsorganisatie.

  6. 6

    De accountantsverklaring, bedoeld in lid 5, heeft de vorm van: a.een goedkeurende verklaring; b.een verklaring met beperking; c.een afkeurende verklaring; of d.een verklaring van oordeelonthouding. De accountant ondertekent en dagtekent de accountantsverklaring.

  7. 7

    De jaarrekening kan niet worden vastgesteld, indien het daartoe bevoegde orgaan geen kennis heeft kunnen nemen van de verklaring van de accountant, die aan de jaarrekening moest zijn toegevoegd, tenzij onder de overige gegevens een wettige grond wordt medegedeeld waarom de verklaring ontbreekt.

  8. 8

    Iedere belanghebbende kan van de rechtspersoon nakoming van de in lid 1 omschreven verplichting vorderen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2024:633Parket bij de Hoge Raad, 14 juni 2024 (civiel recht)

    Zorgplicht accountant jegens derden. Beroepsaansprakelijkheid vanwege onvoldoende controle op jaarrekeningen. Onderscheid wettelijke en niet-wettelijke taak. Afwijking van oordeel tuchtrechter.…

  • ECLI:NL:PHR:2020:746Parket bij de Hoge Raad, 28 augustus 2020 (civiel recht)

    Verbintenissenrecht. Buitencontractuele aansprakelijkheid accountant. Niet-wettelijke taak. Zorgplicht. Causaal verband schending zorgplicht en schade. Zorgplicht jegens anderen?

  • ECLI:NL:PHR:2018:740Parket bij de Hoge Raad, 15 juni 2018 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO.Overeenkomstenrecht. Aandelentransactie met nader, aan de hand van jaarrekening te bepalen koopsom. Debat over de in aanmerking te nemen versie van de jaarrekening. Uitleg van het…

  • ECLI:NL:PHR:2012:BV8218Parket bij de Hoge Raad, 13 april 2012 (civiel recht)

    Art. 81 RO. Executiegeschil. Uitleg veroordeling. Werkelijke proceskosten; art. 1019h Rv.

  • ECLI:NL:RBROT:2026:11351Rechtbank Rotterdam, 12 augustus 2026 (civiel recht)

    Bestuurder verzoekt wijziging van de statuten van een stichting ex artikel 2:294 BW. De rechtbank wijst het verzoek toe.

  • ECLI:NL:CBB:2026:284College van Beroep voor het bedrijfsleven, 23 juni 2026 (bestuursrecht)

    Accountantstucht. Twee hoger beroepen. Een curator in het faillissement van drie gelieerde rechtspersonen heeft een klacht ingediend tegen twee accountants. De curator verwijt de ene accountant dat…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:15683Rechtbank Den Haag, 3 juni 2026 (aanbestedingsrecht)

    Kort geding. Aanbesteding. Door een accountantsverklaring met oordeelonthouding in te dienen heeft eiseres niet voldaan aan de geschiktheidseis dat een accountantsverklaring met goedkeurende…

  • ECLI:NL:CBB:2026:226College van Beroep voor het bedrijfsleven, 26 mei 2026 (bestuursrecht)

    Accountantstuchtrecht. Klacht van de AFM over de wettelijke controles van twee jaarrekeningen. Geen voldoende en geschikte controle-informatie verkregen over voorkomen, volledigheid, nauwkeurigheid…

112 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.