Burgerlijk Wetboek Boek 2

BW

Huidige tekst

Artikel 2:107a BW

Geldt sinds 1 juli 2010

  1. 1

    Aan de goedkeuring van de algemene vergadering zijn onderworpen de besluiten van het bestuur omtrent een belangrijke verandering van de identiteit of het karakter van de vennootschap of de onderneming, waaronder in ieder geval: a.overdracht van de onderneming of vrijwel de gehele onderneming aan een derde; b.het aangaan of verbreken van duurzame samenwerking van de vennootschap of een dochtermaatschappij met een andere rechtspersoon of vennootschap dan wel als volledig aansprakelijke vennote in een commanditaire vennootschap of vennootschap onder firma, indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de vennootschap; c.het nemen of afstoten van een deelneming in het kapitaal van een vennootschap ter waarde van ten minste een derde van het bedrag van de activa volgens de balans met toelichting of, indien de vennootschap een geconsolideerde balans opstelt, volgens de geconsolideerde balans met toelichting volgens de laatst vastgestelde jaarrekening van de vennootschap, door haar of een dochtermaatschappij.

  2. 2

    Het ontbreken van de goedkeuring van de algemene vergadering op een besluit als bedoeld in lid 1 tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van bestuur of bestuurders niet aan.

  3. 3

    Indien de vennootschap krachtens wettelijke bepalingen een ondernemingsraad heeft ingesteld, wordt het verzoek om goedkeuring niet aan de algemene vergadering aangeboden, dan nadat de ondernemingsraad tijdig voor de datum van oproeping als bedoeld in artikel 114 in de gelegenheid is gesteld hierover een standpunt te bepalen. Het standpunt van de ondernemingsraad wordt gelijktijdig met het verzoek om goedkeuring aan de algemene vergadering aangeboden. De voorzitter of een door hem aangewezen lid van de ondernemingsraad kan het standpunt van de ondernemingsraad in de algemene vergadering toelichten. Het ontbreken van dat standpunt tast de besluitvorming over het verzoek om goedkeuring niet aan.

  4. 4

    Voor de toepassing van lid 3 wordt onder de ondernemingsraad mede verstaan de ondernemingsraad van de onderneming van een dochtermaatschappij, mits de werknemers in dienst van de vennootschap en de groepsmaatschappijen in meerderheid binnen Nederland werkzaam zijn. Is er meer dan één ondernemingsraad, dan wordt de bevoegdheid door deze raden gezamenlijk uitgeoefend. Is voor de betrokken onderneming of ondernemingen een centrale ondernemingsraad ingesteld, dan komt de bevoegdheid toe aan de centrale ondernemingsraad.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2020:925Parket bij de Hoge Raad, 9 oktober 2020 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingsrecht. Recht van enquête. Klachten m.b.t. toepassing door OK van art. 2:349a leden 2 en 3 BW bij coöperatie met drie leden in meerdere beschikkingen i.v.m. (handhaving van) benoeming van…

  • ECLI:NL:PHR:2018:166Parket bij de Hoge Raad, 16 februari 2018 (civiel recht)

    Ondernemingsrecht. Medezeggenschap. WOR. Beroep ondernemingsraad tegen besluit Stichting Holland Casino tot juridische afsplitsing van haar vermogen naar een nieuw op te richten NV, waarbij de…

  • ECLI:NL:PHR:2018:14Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2018 (civiel recht)

    Ondernemingsrecht. Agenderingsrecht van aandeelhouders (art. 2:114a BW). Is vennootschap verplicht een onderwerp ter (informele) stemming op te nemen in de agenda voor de algemene vergadering, ook…

  • ECLI:NL:PHR:2016:163Parket bij de Hoge Raad, 25 maart 2016 (civiel recht)

    Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid Staat voor informatieverstrekking tijdens reddingsoperaties Fortis-concern. Art. 5:58 Wft, marktmisbruik, verspreiden misleidende informatie. Maatstaf.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2888Gerechtshof Amsterdam, 7 oktober 2026 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingskamer; enquêterecht; wijst het verzoek om een enquête te gelasten af; heft met ingang van 1 januari 2027 de onmiddellijke voorzieningen op die in de beschikking van 19 januari 2026 in…

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:154Gerechtshof Amsterdam, 22 januari 2026 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingskamer; enquêterecht; benoemingsbeschikking.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:118Gerechtshof Amsterdam, 19 januari 2026 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingskamer; enquêterecht; uitsluitend behandeling verzoek tot treffen onmiddellijke voorzieningen; onmiddellijke voorzieningen getroffen; benoeming bestuurders.

  • ECLI:NL:GHDHA:2024:489Gerechtshof Den Haag, 9 april 2024 (civiel recht)

    De fusie tussen Optas Pensioenen en Aegon Levensverzekering is niet ongeldig en blijft in stand. De € 2,5 miljard die ten tijde van de fusie op de balans van Optas Pensioenen stond behoort niet toe…

51 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.