Burgerlijk Wetboek Boek 2

BW

Huidige tekst

Artikel 2:23b BW

Geldt sinds 1 januari 2022

  1. 1

    De vereffenaar draagt hetgeen na de voldoening der schuldeisers van het vermogen van de ontbonden rechtspersoon is overgebleven, in verhouding tot ieders recht over aan hen die krachtens de statuten daartoe zijn gerechtigd, of anders aan de leden of aandeelhouders. Heeft geen ander recht op het overschot, dan keert hij het uit aan de Staat, die het zoveel mogelijk overeenkomstig het doel van de rechtspersoon besteedt. In afwijking van het voorgaande kan de rechter die een rechtspersoon op grond van artikel 20 verboden verklaart, bepalen dat de vereffenaar na ontbinding het overschot uitkeert aan de Staat.

  2. 2

    De vereffenaar stelt een rekening en verantwoording op van de vereffening, waaruit de omvang en samenstelling van het overschot blijken. Zijn er twee of meer gerechtigden tot het overschot, dan stelt de vereffenaar een plan van verdeling op dat de grondslagen der verdeling bevat.

  3. 3

    Voor zover tot het overschot iets anders dan geld behoort en de statuten of een rechterlijke beschikking geen nadere aanwijzing behelzen, komen als wijzen van verdeling in aanmerking: a.toedeling van een gedeelte van het overschot aan ieder der gerechtigden; b.overbedeling aan een of meer gerechtigden tegen vergoeding van de overwaarde; c.verdeling van de netto-opbrengst na verkoop.

  4. 4

    De vereffenaar legt de rekening en verantwoording en het plan van verdeling neer ten kantore van de registers waarin de rechtspersoon is ingeschreven, en in elk geval ten kantore van de rechtspersoon, als dat er is, of op een andere plaats in het arrondissement waar de rechtspersoon woonplaats heeft. De stukken liggen daar twee maanden voor ieder ter inzage. De vereffenaar maakt in een nieuwsblad bekend waar en tot wanneer zij ter inzage liggen. De rechter kan aankondiging in de Staatscourant bevelen.

  5. 5

    Binnen twee maanden nadat de rekening en verantwoording en het plan zijn neergelegd en de nederlegging overeenkomstig lid 4 is bekendgemaakt en aangekondigd, kan iedere schuldeiser of gerechtigde daartegen door het indienen van een verzoek bij de rechtbank in verzet komen. De vereffenaar doet van gedaan verzet mededeling op de zelfde wijze als waarop de nederlegging van de rekening en verantwoording en het plan van verdeling zijn medegedeeld.

  6. 6

    Telkens wanneer de stand van het vermogen daartoe aanleiding geeft, kan de vereffenaar een uitkering bij voorbaat aan de gerechtigden doen. Na de aanvang van de verzettermijn doet hij dit niet zonder machtiging van de rechter.

  7. 7

    Zodra de intrekking van of beslissing op elk verzet onherroepelijk is, deelt de vereffenaar dit mede op de wijze waarop het verzet is medegedeeld. Brengt de beslissing wijziging in het plan van verdeling, dan wordt ook het gewijzigde plan van verdeling op deze wijze meegedeeld.

  8. 8

    De vereffenaar consigneert geldbedragen waarover niet binnen zes maanden na de laatste betaalbaarstelling is beschikt.

  9. 9

    De vereffening eindigt op het tijdstip waarop geen aan de vereffenaar bekende baten meer aanwezig zijn.

  10. 10

    Na verloop van een maand nadat de vereffening is geëindigd, doet de vereffenaar rekening en verantwoording van zijn beheer aan de rechter, indien deze bij de vereffening is betrokken.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:737Parket bij de Hoge Raad, 17 juli 2026 (ondernemingsrecht)

    Ondernemingsrecht. Procesrecht. Arbitrage. Heropening vereffening na turboliquidatie. Nagekomen bate. Procesvolmacht om ontbonden CV in rechte te vertegenwoordigen. Bevoegdheid overheidsrechter.…

  • ECLI:NL:PHR:2024:34Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2024 (civiel recht)

    Rechtspersonenrecht. Verzetprocedures ex art. 2:23b lid 5 BW. Uitleg van statutaire bepaling van coöperatie inzake verdeling van overschot over leden bij vereffening na ontbinding.

  • ECLI:NL:PHR:2022:756Parket bij de Hoge Raad, 16 augustus 2022 (belastingrecht)

    A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de weigering van de Inspecteur om alsnog de door de Rechtbank opgedragen uitspraak op bezwaar te doen en over de berekening van de vergoeding van immateriële…

  • ECLI:NL:PHR:2021:219Parket bij de Hoge Raad, 5 maart 2021 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Rechtspersonenrecht. Verzoek tot faillietverklaring van ontbonden rechtspersoon. Geen redelijk belang? Geen bekende baten.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:4748Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 21 juli 2026 (civiel recht)

    Verzoek toestemming om liquidatiesaldo evenredig te verdelen over de huidige leden van de enige nog bij de stichting aangesloten vereniging wordt afgewezen. Uitkering is in strijd met de statutaire…

  • ECLI:NL:RBNHO:2025:9223Rechtbank Noord-Holland, 4 augustus 2025 (verbintenissenrecht)

    Heropening vereffening. Verzoek wordt afgewezen. Rechtspersoon is blijven voortbestaan, omdat de kadastrale percelen al tot het vermogen van de rechtspersoon behoorden voordat besloten is tot…

  • ECLI:NL:RBMNE:2025:3365Rechtbank Midden-Nederland, 16 juli 2025 (ondernemingsrecht)

    Ontbinding stichting, omdat zij haar doelstellingen niet meer kan bereiken. De bestuurders van de stichting worden benoemd als vereffenaar. De rechtbank zal niet bepalen waar het batig saldo van de…

  • ECLI:NL:RBGEL:2025:7445Rechtbank Gelderland, 27 mei 2025 (civiel recht)

    Verzoek van het openbaar ministerie om de vennootschap verboden te verklaren en te ontbinden, een vereffenaar te benoemen en de bestuurder een bestuursverbod op te leggen. Verzoeken toegewezen.…

114 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.