Burgerlijk Wetboek Boek 2

BW

Huidige tekst

Artikel 2:135 BW

Bezoldiging van bestuurders redactionele omschrijving

Geldt sinds 22 februari 2023

  1. 1

    De vennootschap heeft een beleid op het terrein van bezoldiging van het bestuur. Het beleid wordt vastgesteld door de algemene vergadering. In het bezoldigingsbeleid komen ten minste de in artikel 383c tot en met e omschreven onderwerpen aan de orde, voor zover deze het bestuur betreffen. In afwijking van de vorige zin komen in het bezoldigingsbeleid van een vennootschap waarvan aandelen of met medewerking van de vennootschap uitgegeven certificaten zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt als bedoeld in artikel 1:1 van de Wet op het financieel toezicht, met uitzondering van beleggingsmaatschappijen met veranderlijk kapitaal, de in artikel 135a lid 6 omschreven onderwerpen aan de orde.

  2. 2

    Indien de vennootschap krachtens wettelijke bepalingen een ondernemingsraad heeft ingesteld, wordt het voorstel tot vaststelling van het bezoldigingsbeleid niet aan de algemene vergadering aangeboden, dan nadat de ondernemingsraad tijdig voor de datum van oproeping als bedoeld in artikel 114 in de gelegenheid is gesteld hierover een standpunt te bepalen. Het standpunt van de ondernemingsraad wordt, gelijktijdig met het voorstel tot vaststelling van het bezoldigingsbeleid, aan de algemene vergadering aangeboden. De voorzitter of een door hem aangewezen lid van de ondernemingsraad kan het standpunt van de ondernemingsraad in de algemene vergadering toelichten. Het ontbreken van dat standpunt tast de besluitvorming inzake het bezoldigingsbeleid niet aan.

  3. 3

    Voor de toepassing van lid 2 wordt onder de ondernemingsraad mede verstaan de ondernemingsraad van de onderneming van een dochtermaatschappij, mits de werknemers in dienst van de vennootschap en de groepsmaatschappijen in meerderheid binnen Nederland werkzaam zijn. Is er meer dan één ondernemingsraad, dan wordt de bevoegdheid door deze raden gezamenlijk uitgeoefend. Is voor de betrokken onderneming of ondernemingen een centrale ondernemingsraad ingesteld, dan komt de bevoegdheid toe aan de centrale ondernemingsraad.

  4. 4

    De bezoldiging van bestuurders wordt met inachtneming van het beleid, bedoeld in lid 1, vastgesteld door de algemene vergadering, tenzij bij de statuten een ander orgaan is aangewezen.

  5. 5

    Indien in de statuten is bepaald dat een ander orgaan dan de algemene vergadering de bezoldiging vaststelt, legt dat orgaan ten aanzien van regelingen in de vorm van aandelen of rechten tot het nemen van aandelen een voorstel ter goedkeuring voor aan de algemene vergadering. In het voorstel moet ten minste zijn bepaald hoeveel aandelen of rechten tot het nemen van aandelen aan het bestuur mogen worden toegekend en welke criteria gelden voor toekenning of wijziging. Het ontbreken van de goedkeuring van de algemene vergadering tast de vertegenwoordigingbevoegdheid van het orgaan niet aan.

  6. 6

    Het orgaan bedoeld in lid 4 is bevoegd de hoogte van een bonus aan te passen tot een passende hoogte indien uitkering van de bonus naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. Onder een bonus wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan het niet vaste deel van de bezoldiging waarvan de toekenning geheel of gedeeltelijk afhankelijk is gesteld van het bereiken van bepaalde doelen of van het zich voordoen van bepaalde omstandigheden.

  7. 7

    Vervallen.

  8. 8

    De vennootschap is bevoegd een bonus geheel of gedeeltelijk terug te vorderen voor zover de uitkering heeft plaatsgevonden op basis van onjuiste informatie over het bereiken van de aan de bonus ten grondslag liggende doelen of over de omstandigheden waarvan de bonus afhankelijk was gesteld. De vordering kan namens de vennootschap ook worden ingesteld door de raad van commissarissen, de niet uitvoerende bestuurders indien toepassing is gegeven aan artikel 129a, of door een bijzondere vertegenwoordiger die is aangewezen door de algemene vergadering. Afdeling 2 van titel 4 van Boek 6 is van overeenkomstige toepassing.

  9. 9

    Indien het beleid bedoeld in lid 1 niet wordt vastgesteld door de algemene vergadering, bezoldigt de vennootschap bestuurders overeenkomstig het bestaande beleid of de bestaande praktijk en legt zij aan de volgende algemene vergadering een herzien beleid voor ter vaststelling.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2023:1567Hoge Raad, 17 november 2023 (civiel recht)

    Financieel recht. Wet op het financieel toezicht. Clawback. Vordering tot terugbetaling van variabele beloning op grond van art. 1:127 lid 3 onder a Wft. Moet financiële onderneming procedures…

  • ECLI:NL:PHR:2023:584Parket bij de Hoge Raad, 9 juni 2023 (arbeidsrecht)

    Financieel recht. Arbeidsrecht. Bank vordert variabele beloning terug van werknemer in verband met fraude (art. 1:127 lid 3 Wft); verplichting beleid inzake terugvordering vast te leggen (art. 1:127…

  • ECLI:NL:PHR:2020:290Parket bij de Hoge Raad, 27 maart 2020 (verbintenissenrecht)

    Vennootschapsrecht. Verbintenissenrecht. Arbeidsrecht. Functie van bestuurder (statutair directeur) en van vestigingsmanager/patiëntbehandelaar. Grondslag van aanvullende vergoedingen voor verrichte…

  • ECLI:NL:PHR:2018:578Parket bij de Hoge Raad, 1 juni 2018 (civiel recht)

    Vennootschapsrecht. Beloning van commissaris die tijdelijk bestuurstaken heeft verricht. HR 6 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU6509, NJ 2012/336. Ongemotiveerd passeren van beroep commissaris op…

  • ECLI:NL:PHR:2018:14Parket bij de Hoge Raad, 12 januari 2018 (civiel recht)

    Ondernemingsrecht. Agenderingsrecht van aandeelhouders (art. 2:114a BW). Is vennootschap verplicht een onderwerp ter (informele) stemming op te nemen in de agenda voor de algemene vergadering, ook…

  • ECLI:NL:RBLIM:2015:4936Rechtbank Limburg, 11 juni 2015 (civiel recht)

    Vertrekregeling lid raad van bestuur pensioenverzekeraar dient integraal te worden gerespecteerd. Geen ruimte voor corrigerende werking van redelijkheid en billijkheid, als bedoeld in artikel 6:248…

  • ECLI:NL:RBAMS:2014:7118Rechtbank Amsterdam, 15 oktober 2014 (civiel recht)

    Over de beloning van een commissaris die werkzaamheden op bestuursniveau verricht. Verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 6 januari 2012 (ECLI:NL:HR:2012:BU6509): de vennootschapsrechtelijke…

  • ECLI:NL:HR:2012:BU6509Hoge Raad, 6 januari 2012 (civiel recht)

    Beloning bestuurders en commissarissen bepaald door in de wet en statuten aangewezen organen; belang van duidelijke verhoudingen bij bevoegdhedenverdeling binnen vennootschap, ook ter voorkoming van…

15 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.