Algemene wet bestuursrecht

Awb

Huidige tekst

Artikel 8:37 Awb

Geldt sinds 12 juni 2017

  1. 1

    Oproepingen, de uitnodiging om op een zitting van de bestuursrechter te verschijnen, de uitnodiging om te verklaren of van het recht ter zitting te worden gehoord gebruik wordt gemaakt, alsmede de verzending van een afschrift van de uitspraak en van het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak aan een geadresseerde voor wie de verplichting tot digitaal procederen als bedoeld in artikel 8:36a niet geldt en die niet digitaal procedeert, geschieden door de griffier bij aangetekende brief, tenzij de bestuursrechter anders bepaalt.

  2. 2

    Voor het overige geschiedt de verzending van stukken aan geadresseerden als bedoeld in het eerste lid door de griffier bij gewone brief, tenzij de bestuursrechter anders bepaalt.

  3. 3

    In een brief wordt de datum van verzending vermeld.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:1207Parket bij de Hoge Raad, 7 november 2025 (belastingrecht)

    Wraking in belastingzaak. Nevenbetrekkingen van behandelend raadsheer zijn tijdelijk niet zichtbaar op website Rechtspraak.nl. Bespreking ten overvloede van problemen met aangetekende verzending van…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1208Parket bij de Hoge Raad, 7 november 2025 (belastingrecht)

    Wraking in belastingzaak. Nevenbetrekkingen van behandelend raadsheer zijn tijdelijk niet zichtbaar op website Rechtspraak.nl. Bespreking ten overvloede van problemen met aangetekende verzending van…

  • ECLI:NL:PHR:2025:858Parket bij de Hoge Raad, 22 augustus 2025 (belastingrecht)

    Welke feiten dienen te worden opgenomen in de uitspraak zodat daaruit blijkt dat de uitnodiging voor zitting tijdig en op regelmatige wijze digitaal is aangeboden (bij digitaal procederen)?

  • ECLI:NL:PHR:2024:355Parket bij de Hoge Raad, 15 maart 2024 (belastingrecht)

    Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 15 maart 2024 in de zaken met de nrs. 23/02244 ECLI:NL:PHR:2024:297 en 23/02561 ECLI:NL:PHR:2024:293

  • ECLI:NL:GHARL:2026:6332Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 29 september 2026 (belastingrecht)

    IB/PVV. Ontvangst uitnodiging zitting rechtbank. Terugwijzing naar rechtbank.

  • ECLI:NL:GHARL:2026:1323Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 3 maart 2026 (belastingrecht)

    Uitspraak op verzet. Termijnoverschrijding. Rechtbank had bericht als hogerberoepschrift moeten doorzenden. Verzet gegrond.

  • ECLI:NL:RVS:2026:587Raad van State, 3 februari 2026 (bestuursrecht)

    Bij e-mailbericht, ingekomen op 23 januari 2026, heeft [verzoeker] in de procedure van de zaak nr. 202404021/4/A3 verzocht om wraking van de staatsraden mr. E.J. Daalder, mr. W. den Ouden en mr. J.M.…

  • ECLI:NL:GHARL:2025:7777Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 2 december 2025 (belastingrecht)

    IB/PVV. Ontvankelijkheid hoger beroep. Verschoonbare termijnoverschrijding. Waarde bezittingen box 3.

130 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.