Algemene wet bestuursrecht

Awb

Huidige tekst

Artikel 8:119 Awb

Herziening van een onherroepelijke uitspraak redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2013

  1. 1

    De bestuursrechter kan op verzoek van een partij een onherroepelijk geworden uitspraak herzien op grond van feiten of omstandigheden die: a.hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak, b.bij de indiener van het verzoekschrift vóór de uitspraak niet bekend waren en redelijkerwijs niet bekend konden zijn, en c.waren zij bij de bestuursrechter eerder bekend geweest, tot een andere uitspraak zouden hebben kunnen leiden.

  2. 2

    Hoofdstuk 6, titel 8.1, met uitzondering van afdeling 8.1.1 en artikel 8:13, titel 8.2, met uitzondering van artikel 8:41, tweede lid, titel 8.3 en titel 8.5, met uitzondering van artikel 8:109, zijn voor zover nodig van overeenkomstige toepassing.

  3. 3

    Het griffierecht is gelijk aan het griffierecht dat ten tijde van de indiening van het verzoek verschuldigd zou zijn geweest voor het beroep of hoger beroep dat heeft geleid tot de uitspraak waarvan herziening wordt gevraagd.

  4. 4

    Indien de uitspraak wordt herzien, betaalt de griffier het griffierecht terug.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:1449Hoge Raad, 11 september 2026 (belastingrecht)

    HR verklaart het verzoek om herziening n-o.

  • ECLI:NL:HR:2026:1470Hoge Raad, 11 september 2026 (belastingrecht)

    HR verklaart het verzoek om herziening n-o.

  • ECLI:NL:HR:2025:1180Hoge Raad, 18 juli 2025 (belastingrecht)

    HR verklaart het verzoek om herziening n-o.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1398Parket bij de Hoge Raad, 20 december 2024 (belastingrecht)

    Kan een tweede geheimhoudingskamer worden ingesteld? Gebondenheid aan tussenbeslissing. Bewijsuitsluiting van bewijsmiddelen verkregen uit onderzoek met onrechtmatige aanleiding. Fruits of the…

  • ECLI:NL:RBGEL:2026:7998Rechtbank Gelderland, 16 oktober 2026 (omgevingsrecht)

    Het gaat om een verleende omgevingsvergunning voor de (ver)plaatsing van een ooievaarspaal door een tennisvereniging. De rechtbank oordeelt dat het college de bezwaren van eisers terecht…

  • ECLI:NL:RVS:2026:5897Raad van State, 7 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Bij uitspraak van 10 april 2024, in zaak nr. 202204323/1/A3 (ECLI:NL:RVS:2024:1438) heeft de Afdeling het hoger beroep van [verzoeker] tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 3 juni 2022 in…

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1274Centrale Raad van Beroep, 1 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad verklaart zicht onbevoegd. Tegen een uitspraak van de rechtbank als bedoeld in artikel 8:55, lid 7, Awb kan geen hoger beroep worden ingesteld.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1278Centrale Raad van Beroep, 25 september 2026 (socialezekerheidsrecht)

    De Raad wijst het verzoek om herziening van de uitspraak van de Raad van 5 december 2025 af. Geen nieuwe feiten of omstandigheden.

1.292 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.