Algemene wet bestuursrecht

Awb

Huidige tekst

Artikel 8:18 Awb

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Het verzoek om wraking wordt zo spoedig mogelijk ter zitting behandeld door een meervoudige kamer waarin de rechter wiens wraking is verzocht, geen zitting heeft.

  2. 2

    De verzoeker en de rechter wiens wraking is verzocht, worden in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. De meervoudige kamer kan ambtshalve of op verzoek van de verzoeker of de rechter wiens wraking is verzocht, bepalen dat zij niet in elkaars aanwezigheid zullen worden gehoord.

  3. 3

    Indien het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is, kan de meervoudige kamer zonder toepassing te geven aan het eerste en tweede lid beslissen het verzoek zonder behandeling ter zitting af te doen.

  4. 4

    De meervoudige kamer beslist zo spoedig mogelijk. De meervoudige kamer spreekt de beslissing in het openbaar uit. De beslissing is gemotiveerd en wordt onverwijld aan de verzoeker, de andere partijen en de rechter wiens wraking was verzocht medegedeeld.

  5. 5

    In geval van misbruik kan de meervoudige kamer bepalen dat een volgend verzoek niet in behandeling wordt genomen. Hiervan wordt in de beslissing melding gemaakt.

  6. 6

    Tegen de beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2026:887Parket bij de Hoge Raad, 22 september 2026 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beslissing wrakingskamer hof tot niet-ontvankelijkverklaring van hoger beroep tegen beslissing Rb op verzoek tot wraking. Ontvankelijkheid cassatieberoep, beroep op doorbreking van…

  • ECLI:NL:HR:2026:1137Hoge Raad, 3 juli 2026 (civiel recht)

    De Hoge Raad wijst het verzoek tot wraking af.

  • ECLI:NL:HR:2026:812Hoge Raad, 29 mei 2026 (belastingrecht)

    Wrakingsverzoek. De Hoge Raad verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:HR:2026:777Hoge Raad, 22 mei 2026 (belastingrecht)

    Wrakingsverzoek. De Hoge Raad verklaart het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1369Centrale Raad van Beroep, 20 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Verzoek om wraking kennelijk niet-ontvankelijk en daarom op grond van artikel 8:18, derde lid, Awb zonder behandeling ter zitting afgedaan.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1370Centrale Raad van Beroep, 20 oktober 2026 (socialezekerheidsrecht)

    Afwijzing verzoek om wraking. Verzoek kennelijk ongegrond en daarom op grond van artikel 8:18, derde lid, Awb zonder behandeling ter zitting afgedaan.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:31074Rechtbank Den Haag, 19 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Wrakingsverzoek afgewezen. Een beslissing om digitale deelname aan een mondelinge behandeling niet toe te staan is een beslissing van praktische aard. De enkele omstandigheid dat een verzoek van…

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:31075Rechtbank Den Haag, 19 oktober 2026 (bestuursrecht)

    Wrakingsverzoek afgewezen. Het proces-verbaal vormt het uitgangspunt en daaruit blijkt niet dat de rechter aan het begin van de zitting heeft gezegd dat ze niet nu al over het juridische wilde…

877 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.