Algemene wet bestuursrecht

Awb

Huidige tekst

Artikel 4:17 Awb

Dwangsom bij niet tijdig beslissen redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 januari 2026

  1. 1

    Indien een beschikking op aanvraag niet tijdig wordt gegeven, verbeurt het bestuursorgaan aan de aanvrager een dwangsom voor elke dag dat het in gebreke is, doch voor ten hoogste 42 dagen. De Algemene termijnenwet is op laatstgenoemde termijn niet van toepassing.

  2. 2

    De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.

  3. 3

    De eerste dag waarover de dwangsom verschuldigd is, is de dag waarop twee weken zijn verstreken na de dag waarop de termijn voor het geven van de beschikking is verstreken en het bestuursorgaan van de aanvrager een schriftelijke ingebrekestelling heeft ontvangen.

  4. 4

    Beroep tegen het niet tijdig geven van de beschikking schort de dwangsom niet op.

  5. 5

    Geen dwangsom is verschuldigd indien: a.het bestuursorgaan onredelijk laat in gebreke is gesteld, b.de aanvrager geen belanghebbende is, of c.de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is.

  6. 6

    Indien er meer dan één aanvrager is, is de dwangsom aan ieder van de aanvragers voor een gelijk deel verschuldigd.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:1729Hoge Raad, 23 oktober 2026 (belastingrecht)

    Onroerendezaakbelastingen; watersysteemheffing; art. 131 Waterschapswet; art. 4:17 Awb; art. 7 :10 Awb; aanvang beslistermijn op een bezwaar tegen een aanslag in de watersysteemheffing als eveneens…

  • ECLI:NL:PHR:2026:911Parket bij de Hoge Raad, 25 september 2026 (belastingrecht)

    Bpm; Awb; art. 7:15 Awb; kan in hoger beroep voor het eerst over de kostenvergoeding in bezwaarfase worden geklaagd?

  • ECLI:NL:HR:2026:733Hoge Raad, 1 mei 2026 (belastingrecht)

    Art. 4:17, lid 1, Awb; dwangsom bij het niet-tijdig beslissen op een bezwaar tegen een dwangsombesluit.

  • ECLI:NL:PHR:2024:1118Parket bij de Hoge Raad, 25 oktober 2024 (belastingrecht)

    Bijlage: ECLI:NL:PHR:2024:1141 Wet herwaardering proceskostenvergoeding (WHpkv) WOZ en bpm; art. 30a(4) en (5) Wet WOZ; uitbetaalregel en cessieverbod pkv-vordering. Welke rechter gaat daarover?…

  • ECLI:NL:RBNHO:2026:13745Rechtbank Noord-Holland, 19 oktober 2026 (bestuursprocesrecht)

    BNT HZK aanvraag

  • ECLI:NL:RBOVE:2026:6052Rechtbank Overijssel, 9 oktober 2026 (omgevingsrecht)

    -Deze uitspraak gaat over het verzoek van eisers om aan de milieuvergunningen van derde belanghebbenden nadere voorschriften te verbinden of deze geheel of gedeeltelijk in te trekken. Eisers wonen op…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9935Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 oktober 2026 (bestuursrecht)

    NTB KOT.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:9936Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 oktober 2026 (bestuursrecht)

    NTB KOT.

6.138 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.