Burgerlijk Wetboek Boek 6

BW

Huidige tekst

Artikel 6:46 BW

Geldt sinds 12 april 2002

  1. 1

    Wanneer de schuldeiser een cheque, postcheque, overschrijvingsorder of een ander hem bij wijze van betaling aangeboden papier in ontvangst neemt, wordt vermoed dat dit geschiedt onder voorbehoud van goede afloop.

  2. 2

    Is de schuldeiser bevoegd de nakoming van een op hem rustende verplichting tot het tijdstip van de betaling op te schorten, dan behoudt hij dit opschortingsrecht totdat zekerheid van goede afloop bestaat of door hem had kunnen worden verkregen.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2017:632Hoge Raad, 7 april 2017 (civiel recht)

    Bancair recht. Zorgplicht bank jegens advocatenkantoor met commerciële praktijk bij acceptatie van cheque. Klachten over passeren van stellingen en daarop gebaseerd bewijsaanbod. Toepasselijke…

  • ECLI:NL:PHR:2017:75Parket bij de Hoge Raad, 10 februari 2017 (civiel recht)

    Bancair recht. Zorgplicht bank jegens advocatenkantoor met commerciële praktijk bij acceptatie van cheque. Klachten over passeren van stellingen en daarop gebaseerd bewijsaanbod. Toepasselijke…

  • ECLI:NL:HR:2010:BK4459Hoge Raad, 29 januari 2010 (civiel recht)

    Verzekeringsrecht. Uitleg polisbepalingen kredietverzekering; begrip “storting van de vordering”.

  • ECLI:NL:PHR:2010:BK4459Parket bij de Hoge Raad, 29 januari 2010 (civiel recht)

    Verzekeringsrecht. Uitleg polisbepalingen kredietverzekering; begrip “storting van de vordering”.

  • ECLI:NL:GHLEE:2012:BV8646Gerechtshof Leeuwarden, 13 maart 2012 (civiel recht)

    Zorgplicht bank. Voorwaardelijke creditering.

  • ECLI:NL:PHR:2005:AT5946Parket bij de Hoge Raad, 7 oktober 2005 (belastingrecht)

    Artikel 16, lid 4 WAR. Zijn aan een in Nederland gevestigde vennootschap onttrokken, vanuit het buitenland betaalbaar gestelde provisieinkomsten, voor de onttrekkende dga inkomensbestanddelen die in…

  • ECLI:NL:PHR:2005:AT5950Parket bij de Hoge Raad, 7 oktober 2005 (belastingrecht)

    Artikel 16, lid 4 AWR. Is de vergoeding op een pret participatif, betaald vanuit Frankrijk aan de in Nederland gevestigde belastingplichtige, een winstbestandeel dat in het buitenland is opgekomen?

  • ECLI:NL:PHR:2005:AR9005Parket bij de Hoge Raad, 9 september 2005 (belastingrecht)

    CONCLUSIE PG Parkeerbelasting 1.1. De zaken nrs. 40.298, 40.375, 40.581, 40.582, 40.583 en 40.584, waarin ik heden concludeer, betreffen alle zes gevallen waarin een naheffingsaanslag…

14 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.