Burgerlijk Wetboek Boek 6

BW

Huidige tekst

Artikel 6:140 BW

Verrekening in rekening-courant redactionele omschrijving

Geldt sinds 12 april 2002

  1. 1

    Moeten tussen twee partijen krachtens wet, gewoonte of rechtshandeling geldvorderingen en geldschulden in één rekening worden opgenomen, dan worden zij in de volgorde waarin partijen volgens de voorgaande artikelen van deze afdeling of krachtens hun onderlinge rechtsverhouding tot verrekening bevoegd worden, dadelijk van rechtswege verrekend en is op ieder tijdstip alleen het saldo verschuldigd. Artikel 137 is niet van toepassing.

  2. 2

    De partij die de rekening bijhoudt, sluit deze jaarlijks af en deelt het op dat tijdstip verschuldigde saldo mede aan de wederpartij met opgave van de aan deze nog niet eerder medegedeelde posten waaruit het is samengesteld.

  3. 3

    Indien de wederpartij niet binnen redelijke tijd tegen het ingevolge het vorige lid medegedeelde saldo protesteert, geldt dit als tussen partijen vastgesteld.

  4. 4

    Na vaststelling van het saldo kan ten aanzien van de afzonderlijke posten geen beroep meer worden gedaan op het intreden van verjaring of op het verstrijken van een vervaltermijn. De rechtsvordering tot betaling van het saldo verjaart door verloop van vijf jaren na de dag, volgende op die waarop de rekening is geëindigd en het saldo opeisbaar is geworden.

  5. 5

    Uit de tussen partijen bestaande rechtsverhouding kan anders voortvloeien dan in de vorige leden is bepaald.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:HR:2026:390Hoge Raad, 13 maart 2026 (insolventierecht)

    Insolventierecht. Faillissementsrecht. Verrekening. Art. 54 Fw. Geschil over verrekening van schuld van bank als gevolg van creditering van inkomende betaling na peildatum van art. 54 Fw met…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1045Parket bij de Hoge Raad, 26 september 2025 (verbintenissenrecht)

    Ondernemingsrecht, verbintenissenrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement (art. 2:248 BW), onrechtmatig beslag. Hoofd- en vrijwaringszaak. O.a. klachten over invulling van…

  • ECLI:NL:PHR:2025:1012Parket bij de Hoge Raad, 19 september 2025 (insolventierecht)

    Faillissementsrecht. Verbod op verrekening door de bank van inkomende betalingen op rekening van klant als bank niet te goeder trouw is (art. 54 lid 1 Fw). Kunnen wel nog uitgaande betalingen uit de…

  • ECLI:NL:PHR:2023:999Parket bij de Hoge Raad, 10 november 2023 (civiel recht)

    Derdenbeslag; betwistingsprocedure (art. 477a lid 2 Rv); verrekenbare tegenvordering; stelplicht en bewijslast; dwingende bewijskracht leningsovereenkomst (art. 157 lid 2 Rv); verbruikleen; wijzen…

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8752Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 9 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Voeging van zaken, nakoming van geldleningsovereenkomst.

  • ECLI:NL:RBZWB:2026:8478Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 september 2026 (verbintenissenrecht)

    Tussen partijen bestond een factoringsovereenkomst. Eiser vordert betaling van een negatief rekening-courantsaldo. Vordering is onvoldoende onderbouwd en wordt afgewezen.

  • ECLI:NL:RBOBR:2026:5719Rechtbank Oost-Brabant, 29 juli 2026 (civiel recht)

    Eiseres vordert betaling van de resterende schuld uit hoofde van een geldleningsovereenkomst. Gedaagde betwist dat zij de schriftelijke geldleningsovereenkomst heeft ondertekend en stelt dat deze…

  • ECLI:NL:RBROT:2026:7540Rechtbank Rotterdam, 24 juni 2026 (verbintenissenrecht)

    Geschil over de vraag of gedaagde materiële en financiële verplichtingen heeft tegenover de vennootschap van haar overleden echtgenoot. De rechtbank wijst de vordering tot afgifte van elektronica af…

206 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.