Burgerlijk Wetboek Boek 6

BW

Huidige tekst

Artikel 6:175 BW

Aansprakelijkheid voor gevaarlijke stoffen redactionele omschrijving

Geldt sinds 1 juni 2015

  1. 1

    Degene die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf een stof gebruikt of onder zich heeft, terwijl van deze stof bekend is dat zij zodanige eigenschappen heeft, dat zij een bijzonder gevaar van ernstige aard voor personen of zaken oplevert, is aansprakelijk, wanneer dit gevaar zich verwezenlijkt. Onder degene die een bedrijf uitoefent, wordt mede begrepen elke rechtspersoon die de stof in de uitoefening van zijn taak gebruikt of onder zich heeft. Als bijzonder gevaar van ernstige aard geldt in elk geval dat de stof ontplofbaar, oxyderend, ontvlambaar, licht ontvlambaar of zeer licht ontvlambaar, dan wel vergiftig of zeer vergiftig is indien de stof als zodanig is ingedeeld overeenkomstig de artikelen 3 en 4 en titel II van verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PbEU L 353).

  2. 2

    Bevindt de stof zich in de macht van een bewaarder die er zijn bedrijf van maakt zodanige stoffen te bewaren, dan rust de aansprakelijkheid uit het eerste lid op deze. Met een zodanige bewaarder wordt gelijkgesteld de vervoerder, expediteur, stuwadoor, bewaarder of soortgelijke ondernemer, die de stof ten vervoer of uit hoofde van een met het vervoer samenhangende overeenkomst in ontvangst heeft genomen, zulks voor de periode waarin de stof zich in zijn macht bevindt zonder dat afdeling 4 van titel 6, 4 van titel 11, 1 van titel 14 of 4 van titel 19 van Boek 8 van toepassing is.

  3. 3

    Bevindt de stof zich in een leiding, dan rust de aansprakelijkheid uit het eerste lid op de leidingbeheerder, behalve voor zover de leiding zich bevindt in een gebouw of werk en strekt tot toevoer of afvoer ten behoeve van dit gebouw of werk.

  4. 4

    Is de schade een gevolg van verontreiniging met de stof van lucht, water of bodem, dan rust de aansprakelijkheid uit het eerste lid op degene die bij de aanvang van de tot verontreiniging leidende gebeurtenis door dit artikel als aansprakelijke persoon werd aangewezen. Heeft de verontreiniging plaatsgevonden doordat de stof in verpakte toestand in water of bodem is gekomen of op de bodem is achtergelaten, dan wordt die gebeurtenis geacht op dit tijdstip reeds te zijn aangevangen.

  5. 5

    Vormt de stof, al of niet tezamen met andere bestanddelen, een roerende zaak als bedoeld in artikel 173 lid 1, is zij in een zodanige zaak verpakt of is zij opgeslagen in een daartoe bestemd gebouw of werk als bedoeld in artikel 174, vierde lid, dan rust de aansprakelijkheid uit de artikelen 173 en 174, voor wat betreft de schade die door verwezenlijking van het aan de stof verbonden gevaar is veroorzaakt, op dezelfde persoon als op wie krachtens de voorgaande leden aansprakelijkheid ter zake van de stof rust.

  6. 6

    Een stof wordt geacht aan de omschrijving van de eerste zin van het eerste lid te voldoen, wanneer zij bij algemene maatregel van bestuur als zodanig is aangewezen. Een stof kan in elk geval worden aangewezen als zij is ingedeeld overeenkomstig de artikelen 3 en 4 en titel II van verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels tot wijziging en intrekking van de Richtlijnen 67/548/EEG en 1999/45/EG en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (PbEU L 353). De aanwijzing kan worden beperkt tot bepaalde concentraties van de stof, tot bepaalde in de algemene maatregel van bestuur te omschrijven gevaren die aan de stof verbonden zijn, en tot bepaalde daarin te omschrijven situaties waarin de stof zich bevindt.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:286Parket bij de Hoge Raad, 7 maart 2025 (civiel recht)

    Aansprakelijkheidsrecht. Aansprakelijkheid NedTrain voor blootstelling aan chroom-6? Eisen aan de stelplicht. Onderbouwing vorderingen met algemene stellingen in plaats van stellingen per individu.…

  • ECLI:NL:PHR:2023:378Parket bij de Hoge Raad, 31 maart 2023 (civiel recht)

    Onrechtmatige daad. Schade aan naastgelegen pand door plaatsing afzinkkelder. Inbreuk op een recht? Maatschappelijk onzorgvuldig gehandeld?

  • ECLI:NL:PHR:2020:394Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2020 (civiel recht)

    Onrechtmatige daad. Schade door verwerking van hormoonhoudend suikerwaterafval in diervoeder. Eigen schuld van benadeelde varkenshouder? Art. 6:101 lid 1 BW. Verhouding tussen hoofdzaak en…

  • ECLI:NL:PHR:2020:395Parket bij de Hoge Raad, 17 april 2020 (civiel recht)

    Onrechtmatige daad. Schade door verwerking van hormoonhoudend suikerwaterafval in diervoeder. Eigen schuld van benadeelde varkenshouder? Art. 6:101 lid 1 BW. Verhouding tussen hoofdzaak en…

  • ECLI:NL:RBROT:2025:12907Rechtbank Rotterdam, 5 november 2025 (civiel recht)

    Bevoegdheidsincident in vrijwaringszaak. Huurovereenkomst. Verwijzing vrijwaringszaak naar kanton. Ook verwijzing hoofdzaak naar kanton. Artikel 210 lid 3, laatste volzin, Rv.

  • ECLI:NL:GHSHE:2024:754Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 12 maart 2024 (verbintenissenrecht)

    30 eisers stellen Nedtrain aansprakelijk voor gezondheidsschade wegens blootstelling aan chroom-6 tijdens werkzaamheden aan treinen in het kader van het project tROM in Tilburg. De vorderingen worden…

  • ECLI:NL:RBROT:2023:8987Rechtbank Rotterdam, 27 september 2023 (civiel recht)

    Tussenvonnis Chemours

  • ECLI:NL:RBNHO:2022:10013Rechtbank Noord-Holland, 9 november 2022 (civiel recht)

    Gespoten herbiciden zijn gevaarlijke stoffen in de zin van artikel 6:175 lid 1 BW. Akkerbouwbedrijf is (risico)aansprakelijk voor de schade aan de gewassen op naastgelegen perceel.

95 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.