Auteurswet

Aw

Huidige tekst

Artikel 47 Aw

Geldt sinds 1 september 2004

  1. 1

    Deze wet is van toepassing op alle werken van letterkunde, wetenschap of kunst, welke hetzij vóór, hetzij na haar in werking treden voor de eerste maal, of binnen dertig dagen na de eerste uitgave in een ander land, zijn uitgegeven in Nederland, alsmede op alle zodanige niet of niet aldus uitgegeven werken, welker makers zijn Nederlanders.

  2. 2

    Voor de toepassing van het voorgaande lid worden met Nederlanders gelijkgesteld de makers die geen Nederlander zijn maar die hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben, voor zover het betreft niet uitgegeven werken of werken die zijn uitgegeven nadat de maker zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft verkregen.

  3. 3

    Een werk is uitgegeven in de zin van dit artikel wanneer het met toestemming van de maker in druk is verschenen of in het algemeen wanneer met toestemming van de maker een zodanig aanbod van exemplaren daarvan, van welke aard ook, heeft plaatsgevonden dat daardoor, gelet op de aard van het werk, wordt voorzien in de redelijke behoeften van het publiek.

  4. 4

    De opvoering van een toneelwerk of muziek-dramatisch werk, de uitvoering van een muziekwerk, de vertoning van een filmwerk, de voordracht of de uitzending in een radio- of televisieprogramma van een werk en de tentoonstelling van een kunstwerk worden niet als een uitgave aangemerkt.

  5. 5

    Ten aanzien van bouwwerken en van werken van beeldende kunst die daarmede één geheel vormen, wordt het bouwen van het bouwwerk of het aanbrengen van het werk van beeldende kunst als uitgave aangemerkt.

  6. 6

    Onverminderd het bepaalde in de voorgaande leden is deze wet van toepassing op filmwerken, indien de producent daarvan in Nederland zijn zetel of zijn gewone verblijfplaats heeft.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2023:30Parket bij de Hoge Raad, 6 januari 2023 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Europees recht. Auteursrecht. Materiële reciprociteitstoets werken van toegepaste kunst (art. 2 lid 7 Berner Conventie); betekenis RAAP-arrest (HvJEU 8 september 2020, C-265/19, ECLI:EU:C:2020:677)…

  • ECLI:NL:PHR:2021:983Parket bij de Hoge Raad, 15 oktober 2021 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Intellectuele eigendom. Auteursrecht. Materiële reciprociteitstoets werken van toegepaste kunst (art. 2 lid 7 Berner Conventie); slaafse nabootsing

  • ECLI:NL:PHR:2011:BR3059Parket bij de Hoge Raad, 28 oktober 2011 (civiel recht)

    Intellectuele eigendom. Inbreukactie; auteursrecht, merkenrecht, oneerlijke mededinging (slaafse nabootsing). Criterium reciprociteitsregel art. 2 lid 7 Berner Conventie; niet alleen in land van…

  • ECLI:NL:PHR:2001:AB2391Parket bij de Hoge Raad, 29 juni 2001 (civiel recht)

    -

  • ECLI:NL:RBDHA:2025:3336Rechtbank Den Haag, 5 maart 2025 (civiel recht)

    Kantonzaak. Uitleg van artikel 30a Aw. MOJO weigert terecht de factuur (licentievergoeding) te betalen die PACE heeft gestuurd namens de auteursrechthebbenden waarvan muziekwerken openbaar zijn…

  • ECLI:NL:RBAMS:2020:4717Rechtbank Amsterdam, 22 september 2020 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Apollo Fintech maakte inbreuk op het auteursrecht van Jelurida door een cryptomunt aan te bieden die is gebaseerd op de ‘Nxt software’, zonder daarbij de licentie van Jelurida (de Jelurida Public…

  • ECLI:NL:RBOBR:2020:3525Rechtbank Oost-Brabant, 13 juli 2020 (civiel recht)

    Kort geding. auteursrecht modellenrecht slaafse nabootsing

  • ECLI:NL:RBDHA:2019:3276Rechtbank Den Haag, 3 april 2019 (intellectueel-eigendomsrecht)

    Intellectuele eigendom. Auteursrecht. Tuinstoelen. Inbreuk aangenomen. EU-wijd verbod toegewezen.

12 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.