Wet op de rechterlijke organisatie

RO

Huidige tekst

Artikel 38 RO

Geldt sinds 1 juli 2010

  1. 1

    In geval van ongeschiktheid anders dan wegens ziekte kan de Raad Onze Minister voorstellen om een of meer leden van het bestuur voor te dragen voor ontslag als lid van het bestuur. In geval van een ernstig vermoeden voor het bestaan van ongeschiktheid anders dan wegens ziekte, kan de Raad Onze Minister voorstellen om een of meer leden van het bestuur voor te dragen voor schorsing als lid van het bestuur.

  2. 2

    De schorsing of het ontslag geschiedt bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister.

  3. 3

    Indien alle leden van het bestuur zijn geschorst of ontslagen, kan de Raad bij het desbetreffende gerecht een of meer tijdelijke bewindvoerders aanstellen. Artikel 15, zevende tot en met tiende lid, is van overeenkomstige toepassing. Bij de aanstelling wordt een termijn bepaald voor de bewindvoering.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2022:240Parket bij de Hoge Raad, 15 maart 2022 (strafrecht)

    Conclusie AG. Beklag tegen beslag op partijen teakhout uit Myanmar ex art. 94 Sv. Verdenking handel in strijd met Europese Houtverordening. Derde middel roept de vraag op welke raadkamer bevoegd is…

  • ECLI:NL:PHR:2018:1339Parket bij de Hoge Raad, 30 november 2018 (civiel recht)

    Externe klachtprocedure (art. 13a RO). Klacht van advocaat tegen president rechtbank en gerechtsbestuur, in verband met doen van melding aan deken over gedraging advocaat. Bevoegdheid Hoge Raad. Is…

  • ECLI:NL:PHR:2018:262Parket bij de Hoge Raad, 23 maart 2018 (civiel recht)

    Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Executiegeschil. Is appelgrens van art. 332 lid 1 Rv van toepassing in geval van executiegeschil in de zin van art. 438 lid 2 Rv?

  • ECLI:NL:PHR:2008:BC7476Parket bij de Hoge Raad, 13 juni 2008 (civiel recht)

    Agentuurovereenkomst. Procesrecht; Bevoegdheid rechtbank om kennis te nemen van vordering m.b.t. beëindiging van overeenkomst tot bemiddeling als assurantietussenpersoon; belang van door eiser aan…

  • ECLI:NL:GHARN:2010:BM8243Gerechtshof Arnhem, 8 juni 2010 (civiel recht)

    Art. 332 Rv appellabiliteit vonnis kantonrechter.

  • ECLI:NL:GHSHE:2009:BJ4646Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 14 juli 2009 (civiel recht)

    Dat dit in het onderhavige geval moet leiden tot het - buiten de grenzen van de rechtsstrijd - ambtshalve vernietigen van het beroepen verzetvonnis van 14 november 2007 en het alsnog…

  • ECLI:NL:PHR:2008:BC2774Parket bij de Hoge Raad, 21 maart 2008 (civiel recht)

    Procesrecht. Bevoegdheid uit hoofde van onderwerp van geschil; als tardief verworpen exceptie van onbevoegd als bedoeld in art. 157 (oud) Rv., tussentijds cassatieberoep niet-ontvankelijk nu tegen…

  • ECLI:NL:PHR:2007:BA6579Parket bij de Hoge Raad, 27 november 2007 (strafrecht)

    HR ambtshalve: In de samenhangende zaak onder nummer 03222/06 B waarin de Rb de vordering a.b.i. art. 552f Sv strekkende tot onttrekking aan het verkeer van de in de beschikking omschreven runderen…

47 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.