Wet op de rechterlijke organisatie

RO

Huidige tekst

Artikel 34 RO

Geldt sinds 1 januari 2002

  1. 1

    Indien de begroting niet de instemming van de Raad heeft verkregen, behoeft het bestuur tot het doen van uitgaven steeds de instemming van de Raad.

  2. 2

    Een verzoek van het bestuur om instemming kan door de Raad slechts worden afgewezen wegens strijd met het recht of het belang van een goede bedrijfsvoering van het gerecht. De artikelen 10:28 tot en met 10:30 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

  3. 3

    De Raad beslist op het verzoek binnen acht weken na ontvangst van het verzoek. De instemming wordt geacht te zijn verleend indien binnen deze termijn geen beslissing van de Raad is ontvangen.

  4. 4

    De Raad kan aan de instemming voorschriften verbinden.

  5. 5

    De Raad kan bepalen voor welke posten en tot welk bedrag het bestuur geen instemming behoeft.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BI3877Parket bij de Hoge Raad, 8 september 2009 (strafrecht)

    Nevenzittingsplaatsen. HR: 81 RO.

  • ECLI:NL:PHR:2009:BI3413Parket bij de Hoge Raad, 7 juli 2009 (strafrecht)

    Behandeling (mega)zaak buiten het ressort en bevoegdheid Hof. Verbindendheid art. 7.1 Besluit nevenvestigings- en zittingsplaatsen (Besluit). Art. 59.2 RO bepaalt dat bij AMvB nevenzittingsplaatsen…

  • ECLI:NL:CRVB:2002:AE2333Centrale Raad van Beroep, 29 maart 2002 (socialezekerheidsrecht)

    Goede procesorde. Te late aanvraag aanvullende beurs. Besluit nevenzittingsplaatsen.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.