Algemene wet inzake rijksbelastingen

AWR

Huidige tekst

Artikel 64 AWR

Geldt sinds 1 januari 2016

  1. 1

    Ter bevordering van een doelmatige formalisering van de uit een belastingwet voortvloeiende schuld of van de op grond van een belastingwet op te leggen bestuurlijke boete kan de inspecteur afwijken van het overigens bij of krachtens de belastingwet bepaalde, indien: a.de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige instemt met deze wijze van formaliseren, en b.de formalisering niet leidt tot een lagere schuld dan de schuld die zonder toepassing van dit artikel voortvloeit uit de belastingwet of tot een lagere bestuurlijke boete dan de zonder toepassing van dit artikel op grond van de belastingwet op te leggen bestuurlijke boete.

  2. 2

    Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld voor de toepassing van dit artikel.

Bron: wetten.overheid.nl

Jurisprudentie bij dit artikel

Eerst de Hoge Raad, daarna de nieuwste uitspraken die naar dit artikel verwijzen.

  • ECLI:NL:PHR:2025:338Parket bij de Hoge Raad, 18 maart 2025 (strafrecht)

    Conclusie plv. AG. Niet voldoen aan administratieplicht belastingen (art. 68 AWR). Middel over vervolging na eerdere vaststellingsovereenkomst en bestuurlijke boete voor niet juist doen van aangifte…

  • ECLI:NL:PHR:2025:343Parket bij de Hoge Raad, 18 maart 2025 (strafrecht)

    Conclusie plv. AG. Als feitelijk leidinggever niet voldoen aan administratieplicht belastingen (art. 68 AWR). Middel over vervolging na eerdere vaststellingsovereenkomst en bestuurlijke boete voor…

  • ECLI:NL:PHR:2025:323Parket bij de Hoge Raad, 14 maart 2025 (belastingrecht)

    Loonheffing. Besluit noodmaatregelen coronacrisis. Uitleg beleid. Objectieve-beschouwingmaatstaf. Geldt goedkeurend corona-beleid voor reiskostenvergoedingen alleen voor reiskostenvergoedingen die…

  • ECLI:NL:PHR:2025:303Parket bij de Hoge Raad, 7 maart 2025 (belastingrecht)

    Afgezonderd particulier vermogen; art. 2.14a Wet IB 2001. Kan op grond van het APV-regime vermogen gehouden door een familiestichting worden toegerekend aan belanghebbende? Doel en strekking van het…

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2038Gerechtshof Den Haag, 23 juni 2026 (belastingrecht)

    Art. 2.14a Wet IB 2001. APV. Familiestichting. Na verwijzing HR 26 september 2025, ECLI:NL:HR:2025:1389. Of sprake is van een individuele en buitensporige last kan na verwijzing niet meer worden…

  • ECLI:NL:RBNNE:2026:2149Rechtbank Noord-Nederland, 2 juni 2026 (belastingrecht)

    Forensenbelasting/De rechtbank is van oordeel dat de (individuele) aanslag forensenbelasting aan eiser terecht is opgelegd en dat hij gelijk is behandeld ten opzichte van andere belastingplichtigen…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1262Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20 mei 2026 (belastingrecht)

    Belanghebbende is een naar Canadees recht ingestelde trust die volgens haar trustakte voorziet in de uitvoering van pensioenregelingen van werknemers. In 2014 en 2015 is door (gemachtigden van)…

  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1263Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20 mei 2026 (belastingrecht)

    Belanghebbende is een naar Canadees recht ingestelde trust die volgens haar trustakte voorziet in de uitvoering van pensioenregelingen van werknemers. In 2014 en 2015 is door (gemachtigden van)…

51 uitspraken verwijzen naar dit artikel.

Geldende tekst uit de Legal Momo-wettenbank, een kopie van het BWB-wettenregister. Raadpleeg wetten.overheid.nl voor de authentieke versie. Dit is geen juridisch advies.